demystificeren
werkwoordBetekenis
- iets helder en duidelijk maken zodat het geheimzinnige ervan verdwijnt
Vervoeging van demystificeren
demystificerenhele werkwoord — demystificeerdeverleden tijd enkelvoud — demystificeerdenverleden tijd meervoud — gedemystificeerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | demystificeer | demystificeerde |
| jij | demystificeert | demystificeerde |
| hij, zij, het | demystificeert | demystificeerde |
| wij | demystificeren | demystificeerden |
| jullie | demystificeren | demystificeerden |
| zij | demystificeren | demystificeerden |
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| demystificeer | gebiedende wijs |
| demystificeerde | verleden tijd |
| demystificere | aanvoegende wijs |
| demystificerend | onvoltooid, deelwoord |
| ev. | gebiedende wijs |
| gedemystificeerd | verleden tijd, deelwoord |
| gedemystificeerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedemystificeerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gedemystificeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gedemystificeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gedemystificeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gedemystificeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gedemystificeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gedemystificeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gedemystificeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gedemystificeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedemystificeerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gedemystificeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedemystificeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gedemystificeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gedemystificeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedemystificeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedemystificeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te demystificeren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gedemystificeerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen demystificeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gedemystificeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedemystificeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gedemystificeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zou demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gedemystificeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedemystificeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedemystificeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gedemystificeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedemystificeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedemystificeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gedemystificeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen demystificeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gedemystificeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedemystificeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedemystificeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult demystificeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gedemystificeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
afleiding van mystificeren met het voorvoegsel de- (met het achtervoegsel -eren)
Woordfamilie van demystificeren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| demystificeer | gebiedende wijs | demystificeren |
| demystificeerde | verleden tijd | demystificeren |
| demystificeerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | demystificeren |
| demystificeert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | demystificeren |
| demystificere | aanvoegende wijs | demystificeren |
| demystificerend | onvoltooid deelwoord | demystificeren |
| demystificerende | woordvorm | demystificeren |
| gedemystificeerd | voltooid deelwoord | demystificeren |
| gedemystificeerde | woordvorm | demystificeren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van demystificeren zijn vastgelegd.