Naar de inhoud

demoraliseren

ontmoedigen

demoraliseren

werkwoord

Betekenis

  1. ontmoedigen

Vervoeging van demoraliseren

demoraliserenhele werkwoord — demoraliseerdeverleden tijd enkelvoud — demoraliseerdenverleden tijd meervoud — gedemoraliseerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik demoraliseer demoraliseerde
jij demoraliseert demoraliseerde
hij, zij, het demoraliseert demoraliseerde
wij demoraliseren demoraliseerden
jullie demoraliseren demoraliseerden
zij demoraliseren demoraliseerden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
demoraliseer gebiedende wijs
demoraliseerde verleden tijd
demoralisere aanvoegende wijs
demoraliserend onvoltooid, deelwoord
er is gedemoraliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gedemoraliseerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gedemoraliseerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gedemoraliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gedemoraliseerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gedemoraliseerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gedemoraliseerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gedemoraliseerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gedemoraliseerd verleden tijd, deelwoord
gedemoraliseerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedemoraliseerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gedemoraliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gedemoraliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gedemoraliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gedemoraliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gedemoraliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gedemoraliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gedemoraliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gedemoraliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedemoraliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gedemoraliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedemoraliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gedemoraliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gedemoraliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedemoraliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedemoraliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te demoraliseren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gedemoraliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen demoraliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gedemoraliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedemoraliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gedemoraliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gedemoraliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedemoraliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedemoraliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gedemoraliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedemoraliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedemoraliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gedemoraliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen demoraliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gedemoraliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedemoraliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedemoraliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult demoraliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gedemoraliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘moedeloos maken’ voor het eerst aangetroffen in 1847

Woordfamilie van demoraliseren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
demoraliseer gebiedende wijs demoraliseren
demoraliseerde verleden tijd demoraliseren
demoraliseerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon demoraliseren
demoraliseert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon demoraliseren
demoralisere aanvoegende wijs demoraliseren
demoraliserend onvoltooid deelwoord demoraliseren
demoraliserende woordvorm demoraliseren
gedemoraliseerd voltooid deelwoord demoraliseren
gedemoraliseerde woordvorm demoraliseren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van demoraliseren zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over demoraliseren

Wat is de betekenis van demoraliseren?
Demoraliseren is een werkwoord. De betekenis is: ontmoedigen.
Hoe vervoeg ik demoraliseren?
Zo vervoeg je demoraliseren zo: de tegenwoordige tijd is demoraliseer, de verleden tijd is demoraliseerde en het voltooid deelwoord is gedemoraliseerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord demoraliseren is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. E 1
  3. M 3
  4. O 1
  5. R 2
  6. A 1
  7. L 3
  8. I 1
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

demoraliseren levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. E 1
  3. M 3
  4. O 1
  5. R 2
  6. A 1
  7. L 3
  8. I 2
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 22 zonder bonus
  15. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

demoraliseren in het kort

demoraliseren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van demoraliseren staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort demoraliseren bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

demoraliseren: ontmoedigen
Deel demoraliseren — standaardnederlands.nl