conjunctie
zelfstandig naamwoord kɔˈɲʏŋksiBetekenis
- verbinding
- zodanige stand van twee hemellichamen dat ze ten opzichte van de aarde in elkaars verlengde liggen, samenstand
- voegwoord
- logische operator (symbool: \scriptstyle \land, &, EN of AND) die twee proposities met elkaar verbindt, zodanig dat de conjunctie van beide waar is als beide operanden waar zijn
Hoe spreek je conjunctie uit?
/kɔˈnjʏŋksi/
Conjunctie bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| j | ja |
| ʏ | put |
| ŋ | ding |
| s | sok |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- logische operator (symbool: scriptstyle ∧, &, EN of AND) die twee proposities met elkaar verbindt, zodanig dat de conjunctie van beide waar is als beide operanden waar zijn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| conjuncties | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘voegwoord’ voor het eerst aangetroffen in 1552
Woordfamilie van conjunctie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| conjuncties | meervoud | conjunctie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van conjunctie zijn vastgelegd.