Naar de inhoud

boteren

gelukken

boteren

werkwoord

Betekenis

  1. gelukken
  2. met boter besmeren

Vervoeging van boteren

boterenhele werkwoord — boterdeverleden tijd enkelvoud — boterdenverleden tijd meervoud — geboterdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik boter boterde
jij botert boterde
hij, zij, het botert boterde
wij boteren boterden
jullie boteren boterden
zij boteren boterden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
boter gebiedende wijs
boterde verleden tijd
botere aanvoegende wijs
boterend onvoltooid, deelwoord
ev. gebiedende wijs
geboterd verleden tijd, deelwoord
geboterd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geboterd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geboterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geboterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geboterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geboterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geboterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geboterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geboterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geboterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geboterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geboterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geboterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geboterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geboterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geboterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geboterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te boteren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben geboterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen boteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal boteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal boteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal boteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal geboterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geboterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geboterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou boteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou boteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou boteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou geboterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geboterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geboterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden boteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden boteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden boteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden geboterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geboterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geboterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt boteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt geboterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen boteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen boteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen boteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen boteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen geboterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geboterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geboterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult boteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult geboterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordfamilie van boteren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
boterde verleden tijd boteren
boterden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon boteren
botere aanvoegende wijs boteren
boterend onvoltooid deelwoord boteren
boterende woordvorm boteren
botert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon boteren
geboterd voltooid deelwoord boteren
geboterde woordvorm boteren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van boteren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over boteren

Wat betekent boteren?
Boteren is een werkwoord. Het woord betekent: gelukken. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je boteren?
Je vervoegt boteren als volgt: de tegenwoordige tijd is boter, de verleden tijd is boterde en het voltooid deelwoord is geboterd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord boteren is 11 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. O 1
  3. T 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 11 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

boteren levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 100 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. O 1
  3. T 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 zonder bonus
  9. 100 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

boteren telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

boteren in het kort

boteren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van boteren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort boteren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

boteren: gelukken
Deel boteren — standaardnederlands.nl