Naar de inhoud

binnenhouden

niet uitbraken

binnenhouden

werkwoord

Betekenis

  1. niet uitbraken
  2. niet naar buiten gaan

werkwoord

  1. ervoor zorgen dat iemand of iets niet naar buiten gaat

Vervoeging van binnenhouden

binnenhoudenhele werkwoord — hield binnenverleden tijd enkelvoud — hielden binnenverleden tijd meervoud — binnengehoudenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik hou binnen hield binnen
jij houdt binnen hield binnen
hij, zij, het houdt binnen hield binnen
wij houden binnen hielden binnen
jullie houden binnen hielden binnen
zij houden binnen hielden binnen
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
binnen te houden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
binnen te zullen houden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnen zal houden bijzin, toekomende tijd
binnen zou houden bijzin, voorwaardelijk
binnen zouden houden bijzin, voorwaardelijk
binnen zoudt houden bijzin, voorwaardelijk
binnen zullen houden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnen zullen houden bijzin, toekomende tijd
binnen zult houden bijzin, toekomende tijd
binnengehouden verleden tijd, deelwoord
binnengehouden te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
binnengehouden te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
binnengehouden te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnengehouden te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnengehouden te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
binnengehouden worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
binnengehouden zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
binnengehouden zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnengehouden zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnengehouden zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
binnenhield bijzin, verleden tijd
binnenhielden bijzin, verleden tijd
binnenhou bijzin, tegenwoordige tijd
binnenhoud bijzin, tegenwoordige tijd
binnenhoudend onvoltooid, deelwoord
binnenhoudt bijzin, tegenwoordige tijd
er is binnengehouden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was binnengehouden impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd binnengehouden impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt binnengehouden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal binnengehouden worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal binnengehouden zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou binnengehouden worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou binnengehouden zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. hou binnen/ houd binnen gebiedende wijs
had binnengehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had binnengehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had binnengehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden binnengehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden binnengehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden binnengehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt binnengehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben binnengehouden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hield binnen verleden tijd
is binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben binnengehouden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen binnenhouden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart binnengehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren binnengehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren binnengehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren binnengehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
was binnengehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was binnengehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was binnengehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt binnengehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal binnengehouden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal binnengehouden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal binnengehouden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal binnengehouden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal binnengehouden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal binnenhouden bijzin, toekomende tijd
zijn binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt binnengehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou binnengehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou binnengehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou binnengehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou binnengehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou binnengehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou binnengehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou binnenhouden bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) binnenhouden binnen zou(dt) houden bijzin, voorwaardelijk
zouden binnengehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden binnengehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden binnengehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden binnengehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden binnengehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden binnengehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden binnenhouden bijzin, voorwaardelijk
zoudt binnengehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt binnengehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt binnenhouden bijzin, voorwaardelijk
zullen binnengehouden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen binnengehouden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen binnengehouden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen binnengehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen binnengehouden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen binnengehouden zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen binnengehouden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen binnenhouden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen binnenhouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen binnenhouden bijzin, toekomende tijd
zult binnengehouden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van binnen en houden

Woordfamilie van binnenhouden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
binnengehouden voltooid deelwoord binnenhouden
binnenhield subordinate-clause, verleden tijd binnenhouden
binnenhielden subordinate-clause, verleden tijd binnenhouden
binnenhou subordinate-clause, tegenwoordige tijd binnenhouden
binnenhoud subordinate-clause, tegenwoordige tijd binnenhouden
binnenhoude with-subordinate-clause binnenhouden
binnenhoudend onvoltooid deelwoord binnenhouden
binnenhoudende woordvorm binnenhouden
binnenhoudt subordinate-clause, tegenwoordige tijd binnenhouden
hield binnen verleden tijd binnenhouden
hielden binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon binnenhouden
hou binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 1e persoon binnenhouden
houd binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 1e persoon binnenhouden
houde binnen woordvorm binnenhouden
houden binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon binnenhouden
houdt binnen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon binnenhouden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van binnenhouden zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over binnenhouden

Wat is de betekenis van binnenhouden?
Binnenhouden is een werkwoord. De betekenis is: niet uitbraken. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik binnenhouden?
Zo vervoeg je binnenhouden zo: het voltooid deelwoord is binnengehouden. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord binnenhouden is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. I 1
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. H 4
  8. O 1
  9. U 4
  10. D 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

binnenhouden levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 87 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. I 2
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. H 4
  8. O 1
  9. U 2
  10. D 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 21 zonder bonus
  14. 87 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

binnenhouden in het kort

binnenhouden staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van binnenhouden staan er 90 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort binnenhouden bij een woordfamilie van 16 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

binnenhouden: niet uitbraken
Deel binnenhouden — standaardnederlands.nl