betrekken
werkwoordBetekenis
- zich in een woning installeren
- (artikelen) kopen, verkrijgen, verwerven
- ~ op: in verband of relatie brengen met
- ~ bij: deel laten hebben aan een activiteit
- bewolkt raken
- (van een gezicht e.d.) somber worden
werkwoord
- kopen, verkrijgen, verwerven transitive
- somber worden ergative
Vervoeging van betrekken
betrekkenhele werkwoord — betrokverleden tijd enkelvoud — betrokkenverleden tijd meervoud — betrokkenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | betrek | betrok |
| jij | betrekt | betrok |
| hij, zij, het | betrekt | betrok |
| wij | betrekken | betrokken |
| jullie | betrekken | betrokken |
| zij | betrekken | betrokken |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| betrek | gebiedende wijs |
| betrekke | aanvoegende wijs |
| betrekkend | onvoltooid, deelwoord |
| betrok | verleden tijd |
| betrokken | verleden tijd, deelwoord |
| betrokken te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| betrokken te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| betrokken te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| betrokken te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| betrokken te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| betrokken worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| betrokken zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| betrokken zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| betrokken zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| betrokken zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| er is betrokken | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was betrokken | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd betrokken | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt betrokken | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal betrokken worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal betrokken zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou betrokken worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou betrokken zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had betrokken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had betrokken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had betrokken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden betrokken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden betrokken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden betrokken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt betrokken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben betrokken | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te betrekken | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben betrokken | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen betrekken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart betrokken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren betrokken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren betrokken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren betrokken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was betrokken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was betrokken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was betrokken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd betrokken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd betrokken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd betrokken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden betrokken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden betrokken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden betrokken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt betrokken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word betrokken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden betrokken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden betrokken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden betrokken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt betrokken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt betrokken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal betrokken hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal betrokken hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal betrokken hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal betrokken zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal betrokken zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt betrokken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou betrokken hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou betrokken hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou betrokken hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou betrokken zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou betrokken zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou betrokken zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden betrokken hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden betrokken hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden betrokken hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden betrokken zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden betrokken zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden betrokken zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt betrokken hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt betrokken zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen betrekken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen betrokken hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen betrokken hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen betrokken hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen betrokken zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen betrokken zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen betrokken zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult betrekken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult betrokken hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult betrokken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult betrokken zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
Afgeleid van trekken met het voorvoegsel be-
Woordfamilie van betrekken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| betrek | gebiedende wijs | betrekken |
| betrekke | aanvoegende wijs | betrekken |
| betrekkend | onvoltooid deelwoord | betrekken |
| betrekkende | woordvorm | betrekken |
| betrekt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | betrekken |
| betrok | verleden tijd | betrekken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van betrekken zijn vastgelegd.