Naar de inhoud

beiaarden

op een beiaard spelen

beiaarden is meer dan één woord

beiaarden

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. op een beiaard spelen

Vervoeging van beiaarden

beiaardenhele werkwoord — beiaarddeverleden tijd enkelvoud — beiaarddenverleden tijd meervoud — gebeiaardvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik beiaard beiaardde
jij beiaardt beiaardde
hij, zij, het beiaardt beiaardde
wij beiaarden beiaardden
jullie beiaarden beiaardden
zij beiaarden beiaardden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
beiaard gebiedende wijs
beiaardde verleden tijd
beiaarde aanvoegende wijs
beiaardend onvoltooid, deelwoord
ev. gebiedende wijs
gebeiaard verleden tijd, deelwoord
gebeiaard te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gebeiaard zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gebeiaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gebeiaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gebeiaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gebeiaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gebeiaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gebeiaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gebeiaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gebeiaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebeiaard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gebeiaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebeiaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gebeiaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gebeiaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebeiaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebeiaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te beiaarden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gebeiaard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen beiaarden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gebeiaard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gebeiaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gebeiaard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gebeiaard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gebeiaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gebeiaard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gebeiaard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gebeiaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gebeiaard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gebeiaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen beiaarden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gebeiaard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gebeiaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gebeiaard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult beiaarden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gebeiaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord beiaard

Herkomst

afgeleid van beiaard met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van beiaarden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
beiaardde verleden tijd beiaarden
beiaardden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon beiaarden
beiaarde aanvoegende wijs beiaarden
beiaardend onvoltooid deelwoord beiaarden
beiaardende woordvorm beiaarden
beiaardt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon beiaarden
gebeiaard voltooid deelwoord beiaarden
gebeiaarde woordvorm beiaarden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van beiaarden zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over beiaarden

Wat betekent beiaarden?
Beiaarden is een werkwoord. Het woord betekent: op een beiaard spelen.
Hoe vervoeg je beiaarden?
Je vervoegt beiaarden als volgt: de tegenwoordige tijd is beiaard, de verleden tijd is beiaardde en het voltooid deelwoord is gebeiaard. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord beiaarden is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. I 1
  4. A 1
  5. A 1
  6. R 2
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

beiaarden levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. I 2
  4. A 1
  5. A 1
  6. R 2
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 zonder bonus
  11. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

beiaarden in het kort

beiaarden is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Van beiaarden zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort beiaarden bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

beiaarden: op een beiaard spelen
Deel beiaarden — standaardnederlands.nl