Naar de inhoud

bearbeiden

verouderd: bewerken

bearbeiden

werkwoord

Betekenis

  1. verouderd: bewerken

Vervoeging van bearbeiden

bearbeidenhele werkwoord — bearbeiddeverleden tijd enkelvoud — bearbeiddenverleden tijd meervoud — bearbeidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bearbeid bearbeidde
jij bearbeidt bearbeidde
hij, zij, het bearbeidt bearbeidde
wij bearbeiden bearbeidden
jullie bearbeiden bearbeidden
zij bearbeiden bearbeidden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
bearbeid gebiedende wijs
bearbeid verleden tijd, deelwoord
bearbeid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bearbeid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bearbeidde verleden tijd
bearbeide aanvoegende wijs
bearbeidend onvoltooid, deelwoord
ev. gebiedende wijs
had bearbeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bearbeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bearbeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bearbeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bearbeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bearbeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bearbeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bearbeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bearbeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bearbeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bearbeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bearbeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bearbeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bearbeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bearbeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bearbeiden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben bearbeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bearbeiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal bearbeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bearbeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bearbeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou bearbeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bearbeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bearbeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden bearbeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bearbeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bearbeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt bearbeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen bearbeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bearbeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bearbeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bearbeiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult bearbeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bearbeiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van arbeiden met het voorvoegsel be-

Woordfamilie van bearbeiden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bearbeid voltooid deelwoord bearbeiden
bearbeidde verleden tijd bearbeiden
bearbeidden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bearbeiden
bearbeide aanvoegende wijs bearbeiden
bearbeidend onvoltooid deelwoord bearbeiden
bearbeidende woordvorm bearbeiden
bearbeidt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bearbeiden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bearbeiden zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bearbeiden

Wat is de betekenis van bearbeiden?
Bearbeiden is een werkwoord. De betekenis is: verouderd: bewerken.
Hoe vervoeg ik bearbeiden?
Zo vervoeg je bearbeiden zo: de tegenwoordige tijd is bearbeid, de verleden tijd is bearbeidde en het voltooid deelwoord is bearbeid. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bearbeiden is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. A 1
  4. R 2
  5. B 3
  6. E 1
  7. I 1
  8. D 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bearbeiden levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. A 1
  4. R 2
  5. B 4
  6. E 1
  7. I 2
  8. D 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 19 zonder bonus
  12. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bearbeiden in het kort

bearbeiden staat in dit woordenboek als werkwoord. Van bearbeiden staan er 31 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort bearbeiden bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

bearbeiden: verouderd: bewerken
Deel bearbeiden — standaardnederlands.nl