Naar de inhoud

baltsen

een paringsdans uitvoeren

baltsen is meer dan één woord

baltsen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. een paringsdans uitvoeren

Vervoeging van baltsen

baltsenhele werkwoord — baltsteverleden tijd enkelvoud — baltstenverleden tijd meervoud — gebaltstvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik balts baltste
jij baltst baltste
hij, zij, het baltst baltste
wij baltsen baltsten
jullie baltsen baltsten
zij baltsen baltsten
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
balts gebiedende wijs
baltse aanvoegende wijs
baltsend onvoltooid, deelwoord
baltste verleden tijd
ev. gebiedende wijs
gebaltst verleden tijd, deelwoord
gebaltst te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gebaltst zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gebaltst voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gebaltst voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gebaltst voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gebaltst voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gebaltst voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gebaltst voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gebaltst voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gebaltst voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebaltst actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gebaltst voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebaltst voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gebaltst voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gebaltst voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebaltst voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebaltst voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te baltsen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gebaltst actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen baltsen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal baltsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal baltsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal baltsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gebaltst hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gebaltst hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gebaltst hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou baltsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou baltsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou baltsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gebaltst hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gebaltst hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gebaltst hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden baltsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden baltsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden baltsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gebaltst hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gebaltst hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gebaltst hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt baltsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gebaltst hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen baltsen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen baltsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen baltsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen baltsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gebaltst hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gebaltst hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gebaltst hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult baltsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gebaltst hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord balts

Woordfamilie van baltsen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
baltse aanvoegende wijs baltsen
baltsend onvoltooid deelwoord baltsen
baltsende woordvorm baltsen
baltst aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon baltsen
baltste verleden tijd baltsen
baltsten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon baltsen
gebaltst voltooid deelwoord baltsen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van baltsen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over baltsen

Wat is de betekenis van baltsen?
Baltsen is een werkwoord. De betekenis is: een paringsdans uitvoeren.
Hoe vervoeg ik baltsen?
Zo vervoeg je baltsen zo: de tegenwoordige tijd is balts, de verleden tijd is baltste en het voltooid deelwoord is gebaltst. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord baltsen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. A 1
  3. L 3
  4. T 2
  5. S 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

baltsen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. A 1
  3. L 3
  4. T 2
  5. S 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

baltsen telt 7 letters, waarvan 7 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

baltsen in het kort

baltsen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Van baltsen staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort baltsen bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

baltsen: een paringsdans uitvoeren
Deel baltsen — standaardnederlands.nl