balts
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- het paargedrag van met name vogels
- wit
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van baltsen
- gebiedende wijs van baltsen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van baltsen
Vervoeging van balts
baltshele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘paringsritueel’ voor het eerst aangetroffen in 1938