baai
zelfstandig naamwoord bajBetekenis
- een landinwaartse uitstulping van een zee of oceaan
- bepaald soort weefsel, flanel
- bepaald soort krullende pijptabak
Hoe spreek je baai uit?
/baj/
Baai bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| a | maan |
| j | ja |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| baaien | meervoud |
| baaitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| baaitjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘inham’ voor het eerst aangetroffen in 1617
Woordfamilie van baai
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| baaitje | verkleinwoord | baai |
| baaitjes | verkleinwoord meervoud | baai |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van baai zijn vastgelegd.