autodaten
werkwoordBetekenis
- autodelen
Vervoeging van autodaten
autodatenhele werkwoord — autodateteverleden tijd enkelvoud — autodatetenverleden tijd meervoud — geautodatetvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | autodate | autodatete |
| jij | autodatet | autodatete |
| hij, zij, het | autodatet | autodatete |
| wij | autodaten | autodateten |
| jullie | autodaten | autodateten |
| zij | autodaten | autodateten |
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| autodate | gebiedende wijs |
| autodate | aanvoegende wijs |
| autodatend | onvoltooid, deelwoord |
| autodatete | verleden tijd |
| ev. | gebiedende wijs |
| geautodatet | verleden tijd, deelwoord |
| geautodatet te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geautodatet zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geautodatet | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geautodatet | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geautodatet | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geautodatet | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geautodatet | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geautodatet | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geautodatet | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geautodatet | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geautodatet | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geautodatet | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geautodatet | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geautodatet | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geautodatet | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geautodatet | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geautodatet | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te autodaten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben geautodatet | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen autodaten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal geautodatet hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geautodatet hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geautodatet hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zou autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou geautodatet hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geautodatet hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geautodatet hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden geautodatet hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geautodatet hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geautodatet hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt geautodatet hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen autodaten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen geautodatet hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geautodatet hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geautodatet hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult autodaten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult geautodatet hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van auto en daten
Woordfamilie van autodaten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| autodatend | onvoltooid deelwoord | autodaten |
| autodatende | woordvorm | autodaten |
| autodatet | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | autodaten |
| autodatete | verleden tijd | autodaten |
| autodateten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | autodaten |
| geautodatet | voltooid deelwoord | autodaten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van autodaten zijn vastgelegd.