archiveren
werkwoordBetekenis
- iets geclassificeerd opslaan om het later gemakkelijk terug te vinden
Vervoeging van archiveren
archiverenhele werkwoord — archiveerdeverleden tijd enkelvoud — archiveerdenverleden tijd meervoud — gearchiveerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | archiveer | archiveerde |
| jij | archiveert | archiveerde |
| hij, zij, het | archiveert | archiveerde |
| wij | archiveren | archiveerden |
| jullie | archiveren | archiveerden |
| zij | archiveren | archiveerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| archiveer | gebiedende wijs |
| archiveerde | verleden tijd |
| archivere | aanvoegende wijs |
| archiverend | onvoltooid, deelwoord |
| ben gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gearchiveerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gearchiveerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gearchiveerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gearchiveerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gearchiveerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gearchiveerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gearchiveerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gearchiveerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gearchiveerd | verleden tijd, deelwoord |
| gearchiveerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gearchiveerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gearchiveerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gearchiveerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gearchiveerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gearchiveerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gearchiveerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gearchiveerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gearchiveerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gearchiveerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gearchiveerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te archiveren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gearchiveerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen archiveren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gearchiveerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gearchiveerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gearchiveerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gearchiveerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gearchiveerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gearchiveerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gearchiveerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gearchiveerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gearchiveerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gearchiveerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gearchiveerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gearchiveerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gearchiveerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gearchiveerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gearchiveerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gearchiveerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gearchiveerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gearchiveerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gearchiveerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gearchiveerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gearchiveerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gearchiveerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen archiveren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gearchiveerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gearchiveerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gearchiveerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gearchiveerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gearchiveerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gearchiveerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult archiveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gearchiveerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gearchiveerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gearchiveerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse archiver (met het achtervoegsel -eren)
Woordfamilie van archiveren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| archiveer | gebiedende wijs | archiveren |
| archiveerde | verleden tijd | archiveren |
| archiveerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | archiveren |
| archiveert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | archiveren |
| archivere | aanvoegende wijs | archiveren |
| archiverend | onvoltooid deelwoord | archiveren |
| archiverende | woordvorm | archiveren |
| gearchiveerd | voltooid deelwoord | archiveren |
| gearchiveerde | woordvorm | archiveren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van archiveren zijn vastgelegd.