adoreren
werkwoordBetekenis
- aanbidden, verafgoden, vereren
Vervoeging van adoreren
adorerenhele werkwoord — adoreerdeverleden tijd enkelvoud — adoreerdenverleden tijd meervoud — geadoreerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | adoreer | adoreerde |
| jij | adoreert | adoreerde |
| hij, zij, het | adoreert | adoreerde |
| wij | adoreren | adoreerden |
| jullie | adoreren | adoreerden |
| zij | adoreren | adoreerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| adoreer | gebiedende wijs |
| adoreerde | verleden tijd |
| adorere | aanvoegende wijs |
| adorerend | onvoltooid, deelwoord |
| ben geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is geadoreerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was geadoreerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd geadoreerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt geadoreerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal geadoreerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal geadoreerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou geadoreerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou geadoreerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geadoreerd | verleden tijd, deelwoord |
| geadoreerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geadoreerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geadoreerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geadoreerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geadoreerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geadoreerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geadoreerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geadoreerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geadoreerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geadoreerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geadoreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geadoreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geadoreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geadoreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geadoreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geadoreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geadoreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geadoreerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te adoreren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben geadoreerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen adoreren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart geadoreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geadoreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren geadoreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geadoreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was geadoreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was geadoreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was geadoreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt geadoreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal geadoreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geadoreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geadoreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal geadoreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geadoreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt geadoreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou geadoreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geadoreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geadoreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geadoreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geadoreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geadoreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden geadoreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geadoreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geadoreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geadoreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geadoreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geadoreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt geadoreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geadoreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen adoreren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen geadoreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geadoreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geadoreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geadoreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geadoreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geadoreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult adoreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult geadoreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geadoreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geadoreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘aanbidden’ voor het eerst aangetroffen in 1553
Woordfamilie van adoreren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| adoreer | gebiedende wijs | adoreren |
| adoreerde | verleden tijd | adoreren |
| adoreerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | adoreren |
| adoreert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | adoreren |
| adorere | aanvoegende wijs | adoreren |
| adorerend | onvoltooid deelwoord | adoreren |
| adorerende | woordvorm | adoreren |
| geadoreerd | voltooid deelwoord | adoreren |
| geadoreerde | woordvorm | adoreren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van adoreren zijn vastgelegd.