achterhalen
werkwoordBetekenis
- iets weten komen, op te sporen, naspeuren, ontdekken waarvan je al weet dat het bestaat
Vervoeging van achterhalen
achterhalenhele werkwoord — achterhaaldeverleden tijd enkelvoud — achterhaaldenverleden tijd meervoud — achterhaaldvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | achterhaal | achterhaalde |
| jij | achterhaalt | achterhaalde |
| hij, zij, het | achterhaalt | achterhaalde |
| wij | achterhalen | achterhaalden |
| jullie | achterhalen | achterhaalden |
| zij | achterhalen | achterhaalden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| achterhaal | gebiedende wijs |
| achterhaald | verleden tijd, deelwoord |
| achterhaald te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| achterhaald te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| achterhaald te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| achterhaald te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| achterhaald te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| achterhaald worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| achterhaald zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| achterhaald zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| achterhaald zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| achterhaald zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| achterhaalde | verleden tijd |
| achterhale | aanvoegende wijs |
| achterhalend | onvoltooid, deelwoord |
| ben achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is achterhaald | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was achterhaald | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd achterhaald | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt achterhaald | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal achterhaald worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal achterhaald zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou achterhaald worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou achterhaald zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had achterhaald | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had achterhaald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had achterhaald | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden achterhaald | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden achterhaald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden achterhaald | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt achterhaald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben achterhaald | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te achterhalen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben achterhaald | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen achterhalen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart achterhaald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren achterhaald | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren achterhaald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren achterhaald | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was achterhaald | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was achterhaald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was achterhaald | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt achterhaald | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal achterhaald hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal achterhaald hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal achterhaald hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal achterhaald zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal achterhaald zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt achterhaald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou achterhaald hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou achterhaald hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou achterhaald hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou achterhaald zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou achterhaald zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou achterhaald zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden achterhaald hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden achterhaald hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden achterhaald hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden achterhaald zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden achterhaald zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden achterhaald zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt achterhaald hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt achterhaald zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen achterhaald hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen achterhaald hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen achterhaald hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen achterhaald zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen achterhaald zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen achterhaald zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen achterhalen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult achterhaald hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult achterhaald worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult achterhaald zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult achterhalen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van achter en halen
Woordfamilie van achterhalen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| achterhaal | gebiedende wijs | achterhalen |
| achterhaalden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | achterhalen |
| achterhaalt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | achterhalen |
| achterhale | aanvoegende wijs | achterhalen |
| achterhalend | onvoltooid deelwoord | achterhalen |
| achterhalende | woordvorm | achterhalen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van achterhalen zijn vastgelegd.