Naar de inhoud

aanschrijven

ambtelijk schrijven naar

aanschrijven

werkwoord ˈansxrɛivə(n)

Betekenis

  1. ambtelijk schrijven naar
  2. in rekening brengen

Hoe spreek je aanschrijven uit?

/ˈansxrɛivən/

Aanschrijven bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈansxrɛivən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
a maan
n nek
s sok
x acht
r rood
ɛi trein
v vis
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. ambtelijk schrijven naar; officieel schrijven naar transitive

Vervoeging van aanschrijven

aanschrijvenhele werkwoord — schreef aanverleden tijd enkelvoud — schreven aanverleden tijd meervoud — aangeschrevenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schrijf aan schreef aan
jij schrijft aan schreef aan
hij, zij, het schrijft aan schreef aan
wij schrijven aan schreven aan
jullie schrijven aan schreven aan
zij schrijven aan schreven aan
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
aan te schrijven actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aan te zullen schrijven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aan zal schrijven bijzin, toekomende tijd
aan zou schrijven bijzin, voorwaardelijk
aan zouden schrijven bijzin, voorwaardelijk
aan zoudt schrijven bijzin, voorwaardelijk
aan zullen schrijven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aan zullen schrijven bijzin, toekomende tijd
aan zult schrijven bijzin, toekomende tijd
aangeschreven verleden tijd, deelwoord
aangeschreven te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangeschreven te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangeschreven te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangeschreven te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangeschreven te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangeschreven worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangeschreven zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangeschreven zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangeschreven zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangeschreven zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aanschreef bijzin, verleden tijd
aanschreven bijzin, verleden tijd
aanschrijf bijzin, tegenwoordige tijd
aanschrijft bijzin, tegenwoordige tijd
aanschrijvend onvoltooid, deelwoord
ben aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is aangeschreven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was aangeschreven impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd aangeschreven impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt aangeschreven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal aangeschreven worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal aangeschreven zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou aangeschreven worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou aangeschreven zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had aangeschreven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had aangeschreven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had aangeschreven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden aangeschreven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden aangeschreven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden aangeschreven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt aangeschreven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangeschreven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
schreef aan verleden tijd
schrijf aan gebiedende wijs
te hebben aangeschreven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen aanschrijven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart aangeschreven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangeschreven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren aangeschreven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangeschreven voltooid, verleden tijd, derde persoon
was aangeschreven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was aangeschreven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was aangeschreven voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt aangeschreven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal aangeschreven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangeschreven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal aangeschreven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal aangeschreven zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangeschreven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal aanschrijven bijzin, toekomende tijd
zijn aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt aangeschreven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou aangeschreven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangeschreven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangeschreven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangeschreven zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangeschreven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangeschreven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou aanschrijven bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) aanschrijven aan zou(dt) schrijven bijzin, voorwaardelijk
zouden aangeschreven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangeschreven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangeschreven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangeschreven zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangeschreven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangeschreven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden aanschrijven bijzin, voorwaardelijk
zoudt aangeschreven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangeschreven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt aanschrijven bijzin, voorwaardelijk
zullen aangeschreven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangeschreven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangeschreven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aangeschreven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangeschreven zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangeschreven zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangeschreven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aanschrijven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aanschrijven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen aanschrijven bijzin, toekomende tijd
zult aangeschreven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van aan vz en schrijven ww

Woordfamilie van aanschrijven

Woordvorm Relatie Afgeleid van
aanschreef subordinate-clause, verleden tijd aanschrijven
aanschreven subordinate-clause, verleden tijd aanschrijven
aanschrijf subordinate-clause, tegenwoordige tijd aanschrijven
aanschrijft subordinate-clause, tegenwoordige tijd aanschrijven
aanschrijve with-subordinate-clause aanschrijven
aanschrijvend onvoltooid deelwoord aanschrijven
aanschrijvende woordvorm aanschrijven
schreef aan verleden tijd aanschrijven
schreven aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon aanschrijven
schrijf aan gebiedende wijs aanschrijven
schrijft aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon aanschrijven
schrijve aan woordvorm aanschrijven
schrijven aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon aanschrijven

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aanschrijven zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over aanschrijven

Hoe spreek je aanschrijven uit?
De uitspraak van aanschrijven is: /ˈansxrɛivə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent aanschrijven?
Aanschrijven is een werkwoord. Het woord betekent: ambtelijk schrijven naar. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je aanschrijven?
Je vervoegt aanschrijven als volgt: het voltooid deelwoord is aangeschreven. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord aanschrijven is 27 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. R 2
  8. I 1
  9. J 4
  10. V 4
  11. E 1
  12. N 1
  13. 27 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

aanschrijven levert met Wordfeud minimaal 28 en maximaal 114 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. R 2
  8. I 2
  9. J 4
  10. V 4
  11. E 1
  12. N 1
  13. 28 zonder bonus
  14. 114 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

aanschrijven in het kort

aanschrijven staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van aanschrijven zijn 89 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort aanschrijven bij een woordfamilie van 13 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

aanschrijven: ambtelijk schrijven naar
Deel aanschrijven — standaardnederlands.nl