Naar de inhoud

zwirrelen

fladderend dwarrelen

zwirrelen

werkwoord ˈzwɪrələ(n)

Betekenis

  1. fladderend dwarrelen

Hoe spreek je zwirrelen uit?

/ˈzwɪrələn/

Zwirrelen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈzwɪrələn/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
z zon
w quiz
ɪ pit
r rood
ə de
l land
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van zwirrelen

zwirrelenhele werkwoord — zwirreldeverleden tijd enkelvoud — zwirreldenverleden tijd meervoud — gezwirreldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik zwirrel zwirrelde
jij zwirrelt zwirrelde
hij, zij, het zwirrelt zwirrelde
wij zwirrelen zwirrelden
jullie zwirrelen zwirrelden
zij zwirrelen zwirrelden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gezwirreld verleden tijd, deelwoord
gezwirreld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gezwirreld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gezwirreld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gezwirreld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gezwirreld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gezwirreld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gezwirreld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gezwirreld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gezwirreld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gezwirreld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gezwirreld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gezwirreld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gezwirreld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gezwirreld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gezwirreld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gezwirreld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gezwirreld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gezwirreld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen zwirrelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
te zwirrelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
zal gezwirreld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gezwirreld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gezwirreld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gezwirreld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gezwirreld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gezwirreld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gezwirreld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gezwirreld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gezwirreld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gezwirreld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gezwirreld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gezwirreld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gezwirreld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen zwirrelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gezwirreld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult zwirrelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zwirrel gebiedende wijs
zwirrelde verleden tijd
zwirrele aanvoegende wijs
zwirrelend onvoltooid, deelwoord

Herkomst

frequentatief gevormd uit zwieren met het achtervoegsel -el

Woordfamilie van zwirrelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gezwirreld voltooid deelwoord zwirrelen
zwirrel gebiedende wijs zwirrelen
zwirrelde verleden tijd zwirrelen
zwirrelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon zwirrelen
zwirrele aanvoegende wijs zwirrelen
zwirrelend onvoltooid deelwoord zwirrelen
zwirrelende woordvorm zwirrelen
zwirrelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon zwirrelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zwirrelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over zwirrelen

Hoe spreek je zwirrelen uit?
De uitspraak van zwirrelen is: /ˈzwɪrələ(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent zwirrelen?
Zwirrelen is een werkwoord. Het woord betekent: fladderend dwarrelen.
Hoe vervoeg je zwirrelen?
Je vervoegt zwirrelen als volgt: de tegenwoordige tijd is zwirrel, de verleden tijd is zwirrelde en het voltooid deelwoord is gezwirreld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord zwirrelen is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. Z 4
  2. W 5
  3. I 1
  4. R 2
  5. R 2
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

zwirrelen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. Z 5
  2. W 5
  3. I 2
  4. R 2
  5. R 2
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 22 zonder bonus
  11. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

zwirrelen in het kort

zwirrelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van zwirrelen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort zwirrelen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

zwirrelen: fladderend dwarrelen
Deel zwirrelen — standaardnederlands.nl