Naar de inhoud

zorg dragen

zorgen.

zorg dragen

werkwoord

Betekenis

  1. zorgen.
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van zorg dragen

zorg dragenhele werkwoord — droeg zorgverleden tijd enkelvoud — droegen zorgverleden tijd meervoud — zorg gedragenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik draag zorg droeg zorg
jij draagt zorg droeg zorg
hij, zij, het draagt zorg droeg zorg
wij dragen zorg droegen zorg
jullie dragen zorg droegen zorg
zij dragen zorg droegen zorg
Alle 76 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
draag zorg gebiedende wijs
droeg zorg verleden tijd
ev. gebiedende wijs
had zorg gedragen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had zorg gedragen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had zorg gedragen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden zorg gedragen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden zorg gedragen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden zorg gedragen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt zorg gedragen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb zorg gedragen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben zorg gedragen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben zorg gedragen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben zorg gedragen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben zorg gedragen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt zorg gedragen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft zorg gedragen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft zorg gedragen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben zorg gedragen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen zorg dragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal zorg dragen bijzin, toekomende tijd
zal zorg gedragen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal zorg gedragen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal zorg gedragen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zorg dragend onvoltooid, deelwoord
zorg gedragen verleden tijd, deelwoord
zorg gedragen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
zorg gedragen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
zorg te dragen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
zorg te zullen dragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zorg zal dragen bijzin, toekomende tijd
zorg zou dragen bijzin, voorwaardelijk
zorg zouden dragen bijzin, voorwaardelijk
zorg zoudt dragen bijzin, voorwaardelijk
zorg zullen dragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zorg zullen dragen bijzin, toekomende tijd
zorg zult dragen bijzin, toekomende tijd
zorgdraag bijzin, tegenwoordige tijd
zorgdraagt bijzin, tegenwoordige tijd
zorgdragen bijzin, tegenwoordige tijd
zorgdroeg bijzin, verleden tijd
zorgdroegen bijzin, verleden tijd
zorgdroegt bijzin, verleden tijd
zou zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou zorg dragen bijzin, voorwaardelijk
zou zorg gedragen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou zorg gedragen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou zorg gedragen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) zorg dragen zorg zou(dt) dragen bijzin, voorwaardelijk
zouden zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden zorg dragen bijzin, voorwaardelijk
zouden zorg gedragen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden zorg gedragen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden zorg gedragen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt zorg dragen bijzin, voorwaardelijk
zoudt zorg gedragen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen zorg dragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen zorg dragen bijzin, toekomende tijd
zullen zorg gedragen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen zorg gedragen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen zorg gedragen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult zorg dragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult zorg dragen bijzin, toekomende tijd
zult zorg gedragen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal zorg dragen zorg zult/zal dragen bijzin, toekomende tijd

Woordfamilie van zorg dragen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
droeg zorg verleden tijd zorg dragen
zorg gedragen voltooid deelwoord zorg dragen
zorgdraag subordinate-clause, tegenwoordige tijd zorg dragen
zorgdraagt subordinate-clause, tegenwoordige tijd zorg dragen
zorgdroeg subordinate-clause, verleden tijd zorg dragen
zorgdroegen subordinate-clause, verleden tijd zorg dragen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zorg dragen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over zorg dragen

Wat is de betekenis van zorg dragen?
Zorg dragen is een werkwoord. De betekenis is: zorgen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik zorg dragen?
Zo vervoeg je zorg dragen zo: het voltooid deelwoord is zorg gedragen. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

zorg dragen is geen Scrabblewoord: het bestaat niet uitsluitend uit letters die je met tegels kunt leggen.

Wordfeud punten

Naar spel

zorg dragen is met Wordfeud niet te leggen: het bestaat niet uitsluitend uit letters waarvoor stenen bestaan.

zorg dragen in het kort

zorg dragen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van zorg dragen staan er 48 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort zorg dragen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

zorg dragen: zorgen.
Deel zorg dragen — standaardnederlands.nl