zijbeuk
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een ruimte die evenwijdig loopt aan het middenschip van en kerk
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- een ruimte die evenwijdig loopt aan het middenschip van een kerk
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zijbeuken | meervoud |
| zijbeukje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zijbeukjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zij en beuk
Woordfamilie van zijbeuk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zijbeuken | meervoud | zijbeuk |
| zijbeukje | verkleinwoord | zijbeuk |
| zijbeukjes | verkleinwoord meervoud | zijbeuk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zijbeuk zijn vastgelegd.