zijbalkon
zelfstandig naamwoordBetekenis
- balkon aan de zijkant van een toneelzaal
- balkon aan de zijkant van een huis
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zijbalkonnetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zijbalkonnetjes | verkleinwoord, meervoud |
| zijbalkons | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zij zn en balkon zn
Woordfamilie van zijbalkon
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zijbalkonnetje | verkleinwoord | zijbalkon |
| zijbalkonnetjes | verkleinwoord meervoud | zijbalkon |
| zijbalkons | meervoud | zijbalkon |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zijbalkon zijn vastgelegd.