zeefdrukken
werkwoord, zelfstandig naamwoord /zeːfdrʏkən/Betekenis
- in zeefdruk (d.w.z. met behulp van een op zijde of gaas aangebrachte sjabloon) drukken op papier, metaal, weefsel, steen etc.
Hoe spreek je zeefdrukken uit?
/zefdrʏkən/
Zeefdrukken bestaat uit drie lettergrepen.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| e | veel |
| f | fiets |
| d | dak |
| r | rood |
| ʏ | put |
| k | kat |
| ə | de |
| n | nek |
Vervoeging van zeefdrukken
zeefdrukkenhele werkwoord — zeefdrukteverleden tijd enkelvoud — zeefdruktenverleden tijd meervoud — gezeefdruktvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | zeefdruk | zeefdrukte |
| jij | zeefdrukt | zeefdrukte |
| hij, zij, het | zeefdrukt | zeefdrukte |
| wij | zeefdrukken | zeefdrukten |
| jullie | zeefdrukken | zeefdrukten |
| zij | zeefdrukken | zeefdrukten |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is gezeefdrukt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gezeefdrukt | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gezeefdrukt | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gezeefdrukt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gezeefdrukt worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gezeefdrukt zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gezeefdrukt worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gezeefdrukt zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gezeefdrukt | verleden tijd, deelwoord |
| gezeefdrukt te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gezeefdrukt zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gezeefdrukt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gezeefdrukt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gezeefdrukt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gezeefdrukt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gezeefdrukt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gezeefdrukt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gezeefdrukt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gezeefdrukt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gezeefdrukt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gezeefdrukt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gezeefdrukt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gezeefdrukt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gezeefdrukt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gezeefdrukt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gezeefdrukt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben gezeefdrukt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zeefdrukken | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen zeefdrukken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal gezeefdrukt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gezeefdrukt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gezeefdrukt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zeefdruk | gebiedende wijs |
| zeefdrukke | aanvoegende wijs |
| zeefdrukkend | onvoltooid, deelwoord |
| zeefdrukte | verleden tijd |
| zou gezeefdrukt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gezeefdrukt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gezeefdrukt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gezeefdrukt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gezeefdrukt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gezeefdrukt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gezeefdrukt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gezeefdrukt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gezeefdrukt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gezeefdrukt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen zeefdrukken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gezeefdrukt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult zeefdrukken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord zeefdruk
Herkomst
samenstelling van zeef ww en drukken
Woordfamilie van zeefdrukken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gezeefdrukt | voltooid deelwoord | zeefdrukken |
| zeefdrukke | aanvoegende wijs | zeefdrukken |
| zeefdrukkend | onvoltooid deelwoord | zeefdrukken |
| zeefdrukkende | woordvorm | zeefdrukken |
| zeefdrukt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | zeefdrukken |
| zeefdrukte | verleden tijd | zeefdrukken |
| zeefdrukten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | zeefdrukken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zeefdrukken zijn vastgelegd.