Naar de inhoud

weggooien

iets met de hand in beweging brengen zodat het zich snel vrij door de lucht verwijdert

weggooien

werkwoord /ˈwɛχojən/

Betekenis

  1. iets met de hand in beweging brengen zodat het zich snel vrij door de lucht verwijdert
  2. zich van iets ontdoen
  3. iets waardevols door eigen toedoen verliezen

Hoe spreek je weggooien uit?

/ˈwɛxojən/

Weggooien bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈwɛxojən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
w quiz
ɛ bed
x acht
o boot
j ja
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van weggooien

weggooienhele werkwoord — gooide wegverleden tijd enkelvoud — gooiden wegverleden tijd meervoud — weggegooidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik gooi weg gooide weg
jij gooit weg gooide weg
hij, zij, het gooit weg gooide weg
wij gooien weg gooiden weg
jullie gooien weg gooiden weg
zij gooien weg gooiden weg
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is weggegooid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was weggegooid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd weggegooid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt weggegooid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal weggegooid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal weggegooid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou weggegooid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou weggegooid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gooi weg gebiedende wijs
gooide weg verleden tijd
had weggegooid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had weggegooid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had weggegooid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden weggegooid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden weggegooid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden weggegooid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt weggegooid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben weggegooid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben weggegooid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen weggooien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart weggegooid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren weggegooid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren weggegooid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren weggegooid voltooid, verleden tijd, derde persoon
was weggegooid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was weggegooid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was weggegooid voltooid, verleden tijd, derde persoon
weg te gooien actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weg te zullen gooien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
weg zal gooien bijzin, toekomende tijd
weg zou gooien bijzin, voorwaardelijk
weg zouden gooien bijzin, voorwaardelijk
weg zoudt gooien bijzin, voorwaardelijk
weg zullen gooien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
weg zullen gooien bijzin, toekomende tijd
weg zult gooien bijzin, toekomende tijd
weggegooid verleden tijd, deelwoord
weggegooid te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weggegooid te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weggegooid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggegooid te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggegooid te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggegooid worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
weggegooid zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
weggegooid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
weggegooid zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
weggegooid zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
weggooi bijzin, tegenwoordige tijd
weggooide bijzin, verleden tijd
weggooiden bijzin, verleden tijd
weggooiend onvoltooid, deelwoord
weggooit bijzin, tegenwoordige tijd
werd weggegooid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd weggegooid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd weggegooid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden weggegooid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden weggegooid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden weggegooid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt weggegooid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word weggegooid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden weggegooid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden weggegooid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden weggegooid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt weggegooid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt weggegooid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal weggegooid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggegooid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal weggegooid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal weggegooid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggegooid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal weggooien bijzin, toekomende tijd
zijn weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt weggegooid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou weggegooid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggegooid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggegooid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggegooid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggegooid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggegooid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou weggooien bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) weggooien weg zou(dt) gooien bijzin, voorwaardelijk
zouden weggegooid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden weggegooid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden weggegooid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden weggegooid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden weggegooid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden weggegooid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden weggooien bijzin, voorwaardelijk
zoudt weggegooid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt weggegooid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt weggooien bijzin, voorwaardelijk
zullen weggegooid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen weggegooid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen weggegooid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen weggegooid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen weggegooid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen weggegooid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen weggegooid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen weggooien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen weggooien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen weggooien bijzin, toekomende tijd
zult weggegooid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van weg bw en gooien ww

Woordfamilie van weggooien

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gooi weg gebiedende wijs weggooien
gooide weg verleden tijd weggooien
gooiden weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon weggooien
gooie weg woordvorm weggooien
gooien weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon weggooien
gooit weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon weggooien
weggegooid voltooid deelwoord weggooien
weggooi subordinate-clause, tegenwoordige tijd weggooien
weggooide subordinate-clause, verleden tijd weggooien
weggooiden subordinate-clause, verleden tijd weggooien
weggooie with-subordinate-clause weggooien
weggooiend onvoltooid deelwoord weggooien
weggooiende woordvorm weggooien
weggooit subordinate-clause, tegenwoordige tijd weggooien

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van weggooien zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over weggooien

Hoe spreek je weggooien uit?
De uitspraak van weggooien is: /ˈwɛχojən/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent weggooien?
Weggooien is een werkwoord. Het woord betekent: iets met de hand in beweging brengen zodat het zich snel vrij door de lucht verwijdert. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je weggooien?
Je vervoegt weggooien als volgt: het voltooid deelwoord is weggegooid. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord weggooien is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. W 5
  2. E 1
  3. G 3
  4. G 3
  5. O 1
  6. O 1
  7. I 1
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

weggooien levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. W 5
  2. E 1
  3. G 3
  4. G 3
  5. O 1
  6. O 1
  7. I 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 zonder bonus
  11. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

weggooien in het kort

weggooien staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van weggooien zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort weggooien bij een woordfamilie van 14 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

weggooien: iets met de hand in beweging brengen zodat het zich snel vrij door de lucht verwijdert
Deel weggooien — standaardnederlands.nl