visualiseren
werkwoordBetekenis
- iets beeldend voorstellen (mentaal), voor de geest halen
- iets in beeld omzetten
Vervoeging van visualiseren
visualiserenhele werkwoord — visualiseerdeverleden tijd enkelvoud — visualiseerdenverleden tijd meervoud — gevisualiseerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | visualiseer | visualiseerde |
| jij | visualiseert | visualiseerde |
| hij, zij, het | visualiseert | visualiseerde |
| wij | visualiseren | visualiseerden |
| jullie | visualiseren | visualiseerden |
| zij | visualiseren | visualiseerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gevisualiseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gevisualiseerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gevisualiseerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gevisualiseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gevisualiseerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gevisualiseerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gevisualiseerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gevisualiseerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gevisualiseerd | verleden tijd, deelwoord |
| gevisualiseerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gevisualiseerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gevisualiseerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gevisualiseerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gevisualiseerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gevisualiseerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gevisualiseerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gevisualiseerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gevisualiseerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gevisualiseerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gevisualiseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben gevisualiseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te visualiseren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen visualiseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| visualiseer | gebiedende wijs |
| visualiseerde | verleden tijd |
| visualisere | aanvoegende wijs |
| visualiserend | onvoltooid, deelwoord |
| waart gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gevisualiseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gevisualiseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gevisualiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gevisualiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gevisualiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gevisualiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gevisualiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gevisualiseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gevisualiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gevisualiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gevisualiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gevisualiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gevisualiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gevisualiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gevisualiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gevisualiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gevisualiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gevisualiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gevisualiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gevisualiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gevisualiseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gevisualiseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gevisualiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gevisualiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gevisualiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gevisualiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gevisualiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gevisualiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen visualiseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gevisualiseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gevisualiseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gevisualiseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult visualiseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘zichtbaar maken’ voor het eerst aangetroffen in 1936
Woordfamilie van visualiseren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gevisualiseerd | voltooid deelwoord | visualiseren |
| gevisualiseerde | woordvorm | visualiseren |
| visualiseer | gebiedende wijs | visualiseren |
| visualiseerde | verleden tijd | visualiseren |
| visualiseerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | visualiseren |
| visualiseert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | visualiseren |
| visualisere | aanvoegende wijs | visualiseren |
| visualiserend | onvoltooid deelwoord | visualiseren |
| visualiserende | woordvorm | visualiseren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van visualiseren zijn vastgelegd.