Naar de inhoud

verwelkomen

iemand begroeten en welkom heten

verwelkomen

werkwoord /vər'ʋɛlkomə(n)/

Betekenis

  1. iemand begroeten en welkom heten

Hoe spreek je verwelkomen uit?

/vərˈwɛlkomən/

Verwelkomen bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /vərˈwɛlkomən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ə de
r rood
w quiz
ɛ bed
l land
k kat
o boot
m maan
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van verwelkomen

verwelkomenhele werkwoord — verwelkomdeverleden tijd enkelvoud — verwelkomdenverleden tijd meervoud — verwelkomdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verwelkom verwelkomde
jij verwelkomt verwelkomde
hij, zij, het verwelkomt verwelkomde
wij verwelkomen verwelkomden
jullie verwelkomen verwelkomden
zij verwelkomen verwelkomden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verwelkomd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verwelkomd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verwelkomd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verwelkomd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verwelkomd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verwelkomd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verwelkomd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verwelkomd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verwelkomd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verwelkomd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verwelkomd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verwelkomd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verwelkomd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verwelkomd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verwelkomd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verwelkomd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verwelkomd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verwelkomen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verwelkomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verwelkom gebiedende wijs
verwelkomd verleden tijd, deelwoord
verwelkomd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verwelkomd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verwelkomd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verwelkomd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verwelkomd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verwelkomd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verwelkomd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verwelkomd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verwelkomd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verwelkomd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verwelkomde verleden tijd
verwelkome aanvoegende wijs
verwelkomend onvoltooid, deelwoord
waart verwelkomd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verwelkomd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verwelkomd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verwelkomd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verwelkomd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verwelkomd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verwelkomd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verwelkomd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verwelkomd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verwelkomd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verwelkomd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verwelkomd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verwelkomd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verwelkomd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verwelkomd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verwelkomd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verwelkomd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verwelkomd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verwelkomd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verwelkomd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verwelkomd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verwelkomd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verwelkomd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verwelkomd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verwelkomd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verwelkomd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verwelkomd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verwelkomd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verwelkomd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verwelkomd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verwelkomd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verwelkomd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verwelkomd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verwelkomd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verwelkomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verwelkomd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verwelkomd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verwelkomd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verwelkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van welkom met het voorvoegsel ver- (2) met het achtervoegsel -en (1).

Woordfamilie van verwelkomen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verwelkom gebiedende wijs verwelkomen
verwelkomd voltooid deelwoord verwelkomen
verwelkomde verleden tijd verwelkomen
verwelkomden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verwelkomen
verwelkome aanvoegende wijs verwelkomen
verwelkomend onvoltooid deelwoord verwelkomen
verwelkomende woordvorm verwelkomen
verwelkomt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verwelkomen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verwelkomen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verwelkomen

Hoe spreek je verwelkomen uit?
De uitspraak van verwelkomen is: /vər'ʋɛlkomə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent verwelkomen?
Verwelkomen is een werkwoord. Het woord betekent: iemand begroeten en welkom heten.
Hoe vervoeg je verwelkomen?
Je vervoegt verwelkomen als volgt: de tegenwoordige tijd is verwelkom, de verleden tijd is verwelkomde en het voltooid deelwoord is verwelkomd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verwelkomen is 25 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. W 5
  5. E 1
  6. L 3
  7. K 3
  8. O 1
  9. M 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 25 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verwelkomen levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 105 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. W 5
  5. E 1
  6. L 3
  7. K 3
  8. O 1
  9. M 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 25 zonder bonus
  13. 105 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verwelkomen in het kort

verwelkomen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van verwelkomen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verwelkomen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verwelkomen: iemand begroeten en welkom heten
Deel verwelkomen — standaardnederlands.nl