verward
bijvoeglijk naamwoord, bijwoord, werkwoordBetekenis
- in de war geraakt, wanordelijk, zonder samenhang, onsamenhangend
- (tijdelijk?) psychisch van zijn stuk, onbegrijpelijk
bijvoeglijk naamwoord
- psychisch van zijn stuk, onbegrijpelijk
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| verwarde | verbogen, stellende trap |
| verwarder | onverbogen, vergrotende trap |
| verwardere | verbogen, vergrotende trap |
| verwarders | partitief, vergrotende trap |
| verwards | partitief, stellende trap |
| verwardst | onverbogen, overtreffende trap |
| verwardste | verbogen, overtreffende trap |
Woordvorm
- voltooid deelwoord van verwarren
Vervoeging van verward
verwardhele werkwoord
Herkomst
*vervoeging van verwarren: de stam met de uitgang -d, zonder ge- vanwege voorvoegsel
Woordfamilie van verward
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verwarder | vergrotende trap | verward |
| verwardere | verbogen vergrotende trap | verward |
| verwarders | partitieve vergrotende trap | verward |
| verwards | partitive, positive | verward |
| verwardst | uninflected, superlative | verward |
| verwardste | inflected, superlative | verward |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verward zijn vastgelegd.