Naar de inhoud

vervaardigen

maken, samenstellen

vervaardigen

werkwoord

Betekenis

  1. maken, samenstellen

Vervoeging van vervaardigen

vervaardigenhele werkwoord — vervaardigdeverleden tijd enkelvoud — vervaardigdenverleden tijd meervoud — vervaardigdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vervaardig vervaardigde
jij vervaardigt vervaardigde
hij, zij, het vervaardigt vervaardigde
wij vervaardigen vervaardigden
jullie vervaardigen vervaardigden
zij vervaardigen vervaardigden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is vervaardigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was vervaardigd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd vervaardigd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt vervaardigd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal vervaardigd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal vervaardigd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou vervaardigd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou vervaardigd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had vervaardigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had vervaardigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had vervaardigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden vervaardigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden vervaardigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden vervaardigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt vervaardigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben vervaardigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben vervaardigd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te vervaardigen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen vervaardigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vervaardig gebiedende wijs
vervaardigd verleden tijd, deelwoord
vervaardigd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
vervaardigd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
vervaardigd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
vervaardigd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vervaardigd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
vervaardigd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
vervaardigd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
vervaardigd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
vervaardigd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
vervaardigd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
vervaardigde verleden tijd
vervaardige aanvoegende wijs
vervaardigend onvoltooid, deelwoord
waart vervaardigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren vervaardigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren vervaardigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren vervaardigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was vervaardigd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was vervaardigd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was vervaardigd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt vervaardigd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal vervaardigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal vervaardigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal vervaardigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal vervaardigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal vervaardigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt vervaardigd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou vervaardigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou vervaardigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou vervaardigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou vervaardigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou vervaardigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou vervaardigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden vervaardigd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden vervaardigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden vervaardigd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vervaardigd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden vervaardigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden vervaardigd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt vervaardigd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vervaardigd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen vervaardigd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen vervaardigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen vervaardigd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vervaardigd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen vervaardigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen vervaardigd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vervaardigen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult vervaardigd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vervaardigd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vervaardigd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vervaardigen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van vaardig met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van vervaardigen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
vervaardig gebiedende wijs vervaardigen
vervaardigd voltooid deelwoord vervaardigen
vervaardigde verleden tijd vervaardigen
vervaardigden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon vervaardigen
vervaardige aanvoegende wijs vervaardigen
vervaardigend onvoltooid deelwoord vervaardigen
vervaardigende woordvorm vervaardigen
vervaardigt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon vervaardigen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vervaardigen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over vervaardigen

Wat betekent vervaardigen?
Vervaardigen is een werkwoord. Het woord betekent: maken, samenstellen.
Hoe vervoeg je vervaardigen?
Je vervoegt vervaardigen als volgt: de tegenwoordige tijd is vervaardig, de verleden tijd is vervaardigde en het voltooid deelwoord is vervaardigd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord vervaardigen is 23 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. V 4
  5. A 1
  6. A 1
  7. R 2
  8. D 2
  9. I 1
  10. G 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 23 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

vervaardigen levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. V 4
  5. A 1
  6. A 1
  7. R 2
  8. D 2
  9. I 2
  10. G 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 24 zonder bonus
  14. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

vervaardigen in het kort

vervaardigen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van vervaardigen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort vervaardigen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

vervaardigen: maken, samenstellen
Deel vervaardigen — standaardnederlands.nl