Naar de inhoud

vernoemen

ergens naar noemen

vernoemen

werkwoord

Betekenis

  1. ergens naar noemen
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van vernoemen

vernoemenhele werkwoord — vernoemdeverleden tijd enkelvoud — vernoemdenverleden tijd meervoud — vernoemdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vernoem vernoemde
jij vernoemt vernoemde
hij, zij, het vernoemt vernoemde
wij vernoemen vernoemden
jullie vernoemen vernoemden
zij vernoemen vernoemden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is vernoemd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was vernoemd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd vernoemd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt vernoemd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal vernoemd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal vernoemd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou vernoemd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou vernoemd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had vernoemd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had vernoemd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had vernoemd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden vernoemd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden vernoemd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden vernoemd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt vernoemd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben vernoemd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben vernoemd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te vernoemen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen vernoemen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vernoem gebiedende wijs
vernoemd verleden tijd, deelwoord
vernoemd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
vernoemd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
vernoemd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
vernoemd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vernoemd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
vernoemd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
vernoemd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
vernoemd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
vernoemd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
vernoemd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
vernoemde verleden tijd
vernoeme aanvoegende wijs
vernoemend onvoltooid, deelwoord
waart vernoemd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren vernoemd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren vernoemd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren vernoemd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was vernoemd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was vernoemd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was vernoemd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd vernoemd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd vernoemd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd vernoemd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden vernoemd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden vernoemd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden vernoemd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt vernoemd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word vernoemd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden vernoemd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden vernoemd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden vernoemd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt vernoemd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt vernoemd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal vernoemd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal vernoemd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal vernoemd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal vernoemd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal vernoemd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt vernoemd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou vernoemd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou vernoemd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou vernoemd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou vernoemd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou vernoemd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou vernoemd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden vernoemd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden vernoemd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden vernoemd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vernoemd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden vernoemd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden vernoemd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt vernoemd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vernoemd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen vernoemd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen vernoemd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen vernoemd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vernoemd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen vernoemd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen vernoemd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vernoemen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult vernoemd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vernoemd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vernoemd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vernoemen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van noemen met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van vernoemen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
vernoem gebiedende wijs vernoemen
vernoemd voltooid deelwoord vernoemen
vernoemde verleden tijd vernoemen
vernoemden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon vernoemen
vernoeme aanvoegende wijs vernoemen
vernoemend onvoltooid deelwoord vernoemen
vernoemende woordvorm vernoemen
vernoemt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon vernoemen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vernoemen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over vernoemen

Wat is de betekenis van vernoemen?
Vernoemen is een werkwoord. De betekenis is: ergens naar noemen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik vernoemen?
Zo vervoeg je vernoemen zo: de tegenwoordige tijd is vernoem, de verleden tijd is vernoemde en het voltooid deelwoord is vernoemd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord vernoemen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. N 1
  5. O 1
  6. E 1
  7. M 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

vernoemen levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. N 1
  5. O 1
  6. E 1
  7. M 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 zonder bonus
  11. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

vernoemen in het kort

vernoemen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van vernoemen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort vernoemen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

vernoemen: ergens naar noemen
Deel vernoemen — standaardnederlands.nl