vermissen
werkwoordBetekenis
- niet meer weten waar iets of iemand gebleven is
Vervoeging van vermissen
vermissenhele werkwoord — vermisteverleden tijd enkelvoud — vermistenverleden tijd meervoud — vermistvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | vermis | vermiste |
| jij | vermist | vermiste |
| hij, zij, het | vermist | vermiste |
| wij | vermissen | vermisten |
| jullie | vermissen | vermisten |
| zij | vermissen | vermisten |
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ev. | gebiedende wijs |
| had vermist | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had vermist | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had vermist | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden vermist | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden vermist | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden vermist | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt vermist | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb vermist | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vermist | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben vermist | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vermist | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben vermist | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt vermist | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vermist | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vermist | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben vermist | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te vermissen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen vermissen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vermis | gebiedende wijs |
| vermisse | aanvoegende wijs |
| vermissend | onvoltooid, deelwoord |
| vermist | verleden tijd, deelwoord |
| vermist te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vermist zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vermiste | verleden tijd |
| zal vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal vermist hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vermist hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal vermist hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zou vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou vermist hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vermist hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vermist hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden vermist hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden vermist hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden vermist hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt vermist hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen vermissen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen vermist hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen vermist hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen vermist hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult vermissen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult vermist hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
afleiding van missen met het voorvoegsel ver-
Woordfamilie van vermissen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vermis | gebiedende wijs | vermissen |
| vermisse | aanvoegende wijs | vermissen |
| vermissend | onvoltooid deelwoord | vermissen |
| vermissende | woordvorm | vermissen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vermissen zijn vastgelegd.