Naar de inhoud

verlichten

van licht voorzien

verlichten

werkwoord

Betekenis

  1. van licht voorzien
  2. minder zwaar maken
  3. minder moeilijk maken

Vervoeging van verlichten

verlichtenhele werkwoord — verlichtteverleden tijd enkelvoud — verlichttenverleden tijd meervoud — verlichtvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verlicht verlichtte
jij verlicht verlichtte
hij, zij, het verlicht verlichtte
wij verlichten verlichtten
jullie verlichten verlichtten
zij verlichten verlichtten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verlicht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verlicht impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verlicht impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verlicht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verlicht worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verlicht zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verlicht worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verlicht zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verlicht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verlicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verlicht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verlicht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verlicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verlicht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verlicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verlicht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verlicht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verlichten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verlichten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlicht gebiedende wijs
verlicht verleden tijd, deelwoord
verlicht te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verlicht te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verlicht te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlicht te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlicht te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlicht worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verlicht zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verlicht zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlicht zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlicht zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlichte aanvoegende wijs
verlichtend onvoltooid, deelwoord
verlichtte verleden tijd
waart verlicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verlicht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verlicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verlicht voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verlicht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verlicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verlicht voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verlicht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verlicht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verlicht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verlicht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verlicht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verlicht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verlicht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verlicht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verlicht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verlicht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verlicht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verlicht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verlicht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verlicht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlicht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verlicht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verlicht zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlicht zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verlichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verlichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verlichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verlicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verlicht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlicht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlicht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlicht zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlicht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlicht zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verlichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verlichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verlichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verlicht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verlicht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verlicht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlicht zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verlicht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verlicht zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verlichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verlichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verlicht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlicht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verlicht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verlicht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verlicht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlicht zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verlicht zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verlicht zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlichten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verlichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verlichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verlichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verlicht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlicht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlicht zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van licht met het voorvoegsel ver- en met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van verlichten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verlichtend onvoltooid deelwoord verlichten
verlichtende woordvorm verlichten
verlichtte verleden tijd verlichten
verlichtten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verlichten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verlichten zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over verlichten

Wat betekent verlichten?
Verlichten is een werkwoord. Het woord betekent: van licht voorzien. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je verlichten?
Je vervoegt verlichten als volgt: de tegenwoordige tijd is verlicht, de verleden tijd is verlichtte en het voltooid deelwoord is verlicht. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verlichten is 24 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. L 3
  5. I 1
  6. C 5
  7. H 4
  8. T 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 24 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verlichten levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 105 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. L 3
  5. I 2
  6. C 5
  7. H 4
  8. T 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 25 zonder bonus
  12. 105 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verlichten in het kort

verlichten staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van verlichten zijn 73 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verlichten bij een woordfamilie van 4 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verlichten: van licht voorzien
Deel verlichten — standaardnederlands.nl