verkoop
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈvɛrkopBetekenis
- het verkopen (voor geld aan een ander geven)
Hoe spreek je verkoop uit?
/ˈvɛrkop/
Verkoop bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ɛ | bed |
| r | rood |
| k | kat |
| o | boot |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| verkoopje | verkleinwoord, enkelvoud |
| verkoopjes | verkleinwoord, meervoud |
| verkopen | meervoud |
| vérkoop | canonical |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkopen
- gebiedende wijs van verkopen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkopen
Vervoeging van verkoop
verkoophele werkwoord
Alle 1 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| verkóóp | canonical |
Woordfamilie van verkoop
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verkoopje | verkleinwoord | verkoop |
| verkoopjes | verkleinwoord meervoud | verkoop |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verkoop zijn vastgelegd.