Naar de inhoud

verdienen

het recht op een beloning of bestraffing verwerven

verdienen

werkwoord

Betekenis

  1. het recht op een beloning of bestraffing verwerven
  2. geld verkrijgen door arbeid of een andere prestatie

Vervoeging van verdienen

verdienenhele werkwoord — verdiendeverleden tijd enkelvoud — verdiendenverleden tijd meervoud — verdiendvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verdien verdiende
jij verdient verdiende
hij, zij, het verdient verdiende
wij verdienen verdienden
jullie verdienen verdienden
zij verdienen verdienden
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
er is verdiend impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verdiend impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verdiend impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verdiend impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verdiend worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verdiend zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verdiend worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verdiend zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verdiend voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verdiend voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verdiend voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verdiend voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verdiend voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verdiend voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verdiend voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verdiend actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verdiend actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verdienen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verdienen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verdien gebiedende wijs
verdiend verleden tijd, deelwoord
verdiend te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verdiend te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verdiend te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verdiend te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verdiend te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verdiend worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verdiend zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verdiend zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verdiend zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verdiend zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verdiende verleden tijd
verdiene aanvoegende wijs
verdienend onvoltooid, deelwoord
waren verdiend voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verdiend voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verdiend enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden verdiend enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden verdiend enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verdiend enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal verdiend hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verdiend hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verdiend hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verdiend worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verdiend zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verdienen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verdienen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verdienen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verdiend voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou verdiend hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verdiend hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verdiend hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verdiend worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verdiend zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verdienen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verdienen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verdienen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verdiend hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verdiend hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verdiend hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verdiend worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verdiend zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verdienen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verdienen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verdienen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verdiend hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verdienen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verdiend hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verdiend hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verdiend hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verdiend worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verdiend zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verdienen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verdienen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verdienen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verdienen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verdiend hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verdienen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van dienen met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verdienen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verdien gebiedende wijs verdienen
verdienden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verdienen
verdiene aanvoegende wijs verdienen
verdienend onvoltooid deelwoord verdienen
verdienende woordvorm verdienen
verdient aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verdienen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verdienen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over verdienen

Wat is de betekenis van verdienen?
Verdienen is een werkwoord. De betekenis is: het recht op een beloning of bestraffing verwerven. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik verdienen?
Zo vervoeg je verdienen zo: de tegenwoordige tijd is verdien, de verleden tijd is verdiende en het voltooid deelwoord is verdiend. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verdienen is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. D 2
  5. I 1
  6. E 1
  7. N 1
  8. E 1
  9. N 1
  10. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verdienen levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. D 2
  5. I 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 zonder bonus
  11. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verdienen in het kort

verdienen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van verdienen staan er 65 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort verdienen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

verdienen: het recht op een beloning of bestraffing verwerven
Deel verdienen — standaardnederlands.nl