Naar de inhoud

uitschakelen

buiten competitie stellen

uitschakelen

werkwoord ˈœytsxakələ(n)

Betekenis

  1. buiten competitie stellen
  2. deactiveren
  3. onschadelijk maken

Hoe spreek je uitschakelen uit?

/ˈœytsxakələn/

Uitschakelen bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈœytsxakələn/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
œy huis
t tak
s sok
x acht
a maan
k kat
ə de
l land
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van uitschakelen

uitschakelenhele werkwoord — schakelde uitverleden tijd enkelvoud — schakelden uitverleden tijd meervoud — uitgeschakeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schakel uit schakelde uit
jij schakelt uit schakelde uit
hij, zij, het schakelt uit schakelde uit
wij schakelen uit schakelden uit
jullie schakelen uit schakelden uit
zij schakelen uit schakelden uit
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is uitgeschakeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was uitgeschakeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd uitgeschakeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt uitgeschakeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal uitgeschakeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal uitgeschakeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou uitgeschakeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou uitgeschakeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben uitgeschakeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
schakel uit gebiedende wijs
schakelde uit verleden tijd
te hebben uitgeschakeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen uitschakelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
uit te schakelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
uit te zullen schakelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
uit zal schakelen bijzin, toekomende tijd
uit zou schakelen bijzin, voorwaardelijk
uit zouden schakelen bijzin, voorwaardelijk
uit zoudt schakelen bijzin, voorwaardelijk
uit zullen schakelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
uit zullen schakelen bijzin, toekomende tijd
uit zult schakelen bijzin, toekomende tijd
uitgeschakeld verleden tijd, deelwoord
uitgeschakeld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
uitgeschakeld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
uitgeschakeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
uitgeschakeld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
uitgeschakeld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
uitgeschakeld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
uitgeschakeld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
uitgeschakeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
uitgeschakeld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
uitgeschakeld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
uitschakel bijzin, tegenwoordige tijd
uitschakelde bijzin, verleden tijd
uitschakelden bijzin, verleden tijd
uitschakelend onvoltooid, deelwoord
uitschakelt bijzin, tegenwoordige tijd
waart uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was uitgeschakeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt uitgeschakeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal uitgeschakeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal uitgeschakeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal uitgeschakeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal uitgeschakeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal uitgeschakeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal uitschakelen bijzin, toekomende tijd
zijn uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt uitgeschakeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou uitgeschakeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou uitgeschakeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou uitgeschakeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou uitgeschakeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou uitgeschakeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou uitgeschakeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou uitschakelen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) uitschakelen uit zou(dt) schakelen bijzin, voorwaardelijk
zouden uitgeschakeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden uitgeschakeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden uitgeschakeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden uitgeschakeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden uitgeschakeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden uitgeschakeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden uitschakelen bijzin, voorwaardelijk
zoudt uitgeschakeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt uitgeschakeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt uitschakelen bijzin, voorwaardelijk
zullen uitgeschakeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen uitgeschakeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen uitgeschakeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen uitgeschakeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen uitgeschakeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen uitgeschakeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen uitgeschakeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen uitschakelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen uitschakelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen uitschakelen bijzin, toekomende tijd
zult uitgeschakeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van uit bw en schakelen ww

Woordfamilie van uitschakelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
schakel uit gebiedende wijs uitschakelen
schakelde uit verleden tijd uitschakelen
schakelden uit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon uitschakelen
schakele uit woordvorm uitschakelen
schakelen uit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon uitschakelen
schakelt uit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon uitschakelen
uitgeschakeld voltooid deelwoord uitschakelen
uitgeschakelde woordvorm uitschakelen
uitschakel subordinate-clause, tegenwoordige tijd uitschakelen
uitschakelde subordinate-clause, verleden tijd uitschakelen
uitschakelden subordinate-clause, verleden tijd uitschakelen
uitschakele with-subordinate-clause uitschakelen
uitschakelend onvoltooid deelwoord uitschakelen
uitschakelende woordvorm uitschakelen
uitschakelt subordinate-clause, tegenwoordige tijd uitschakelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitschakelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over uitschakelen

Hoe spreek je uitschakelen uit?
De uitspraak van uitschakelen is: /ˈœytsxakələ(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent uitschakelen?
Uitschakelen is een werkwoord. Het woord betekent: buiten competitie stellen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je uitschakelen?
Je vervoegt uitschakelen als volgt: het voltooid deelwoord is uitgeschakeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord uitschakelen is 28 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. U 4
  2. I 1
  3. T 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. A 1
  8. K 3
  9. E 1
  10. L 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 28 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

uitschakelen levert met Wordfeud minimaal 27 en maximaal 111 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. U 2
  2. I 2
  3. T 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. A 1
  8. K 3
  9. E 1
  10. L 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 27 zonder bonus
  14. 111 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

uitschakelen in het kort

uitschakelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van uitschakelen zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort uitschakelen bij een woordfamilie van 15 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

uitschakelen: buiten competitie stellen
Deel uitschakelen — standaardnederlands.nl