tuchthuis
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gevangenis voor misdadigers
- tuchtschool
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tuchthuisje | verkleinwoord, enkelvoud |
| tuchthuisjes | verkleinwoord, meervoud |
| tuchthuizen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van tucht en huis
Woordfamilie van tuchthuis
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tuchthuisje | verkleinwoord | tuchthuis |
| tuchthuisjes | verkleinwoord meervoud | tuchthuis |
| tuchthuizen | meervoud | tuchthuis |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tuchthuis zijn vastgelegd.