triomfboog
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een monumentale boog, oorspronkelijk uit de Romeinse tijd, die werd opgericht ter herdenking van een triomftocht
- boog tussen het schip en het priesterkoor in een rooms-katholieke kerk
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| triomfbogen | meervoud |
| triomfboogje | verkleinwoord, enkelvoud |
| triomfboogjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van triomf zn en boog zn
Woordfamilie van triomfboog
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| triomfbogen | meervoud | triomfboog |
| triomfboogje | verkleinwoord | triomfboog |
| triomfboogjes | verkleinwoord meervoud | triomfboog |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van triomfboog zijn vastgelegd.