triomfator
zelfstandig naamwoordBetekenis
- overwinnaar
- een als overwinnaar ingehaalde en gevierde veldheer in het oude Rome
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| triomfatoren | meervoud |
| triomfators | meervoud |
| triomfatortje | verkleinwoord, enkelvoud |
| triomfatortjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘hij die een triomf viert’ voor het eerst aangetroffen in 1828
Woordfamilie van triomfator
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| triomfatoren | meervoud | triomfator |
| triomfators | meervoud | triomfator |
| triomfatortje | verkleinwoord | triomfator |
| triomfatortjes | verkleinwoord meervoud | triomfator |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van triomfator zijn vastgelegd.