treil
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- treklijn, jaaglijn
- sleepnet, kuilnet, trawlnet
- scheepswant
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| treilen | meervoud |
| treiltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| treiltjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van treilen
- gebiedende wijs van treilen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van treilen
Vervoeging van treil
treilhele werkwoord
Woordfamilie van treil
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| treiltje | verkleinwoord | treil |
| treiltjes | verkleinwoord meervoud | treil |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van treil zijn vastgelegd.