tongzoen
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈtɔŋzunBetekenis
- erotisch getinte kus waarbij de tongen van de partners elkaar raken
Hoe spreek je tongzoen uit?
/ˈtɔŋzun/
Tongzoen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɔ | bot |
| ŋ | ding |
| z | zon |
| u | boek |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tongzoenen | meervoud |
| tongzoentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| tongzoentjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tongzoenen
- gebiedende wijs van tongzoenen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tongzoenen
Vervoeging van tongzoen
tongzoenhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van tong en zoen
Woordfamilie van tongzoen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tongzoentje | verkleinwoord | tongzoen |
| tongzoentjes | verkleinwoord meervoud | tongzoen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tongzoen zijn vastgelegd.