toelaten
werkwoord ˈtulatə(n)Betekenis
- niet onmogelijk maken of verbieden, goedvinden, toestaan
- toegang verschaffen
Hoe spreek je toelaten uit?
/ˈtulatən/
Toelaten bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| u | boek |
| l | land |
| a | maan |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- toestemming krijgen om ergens lid van de worden transitive
Vervoeging van toelaten
toelatenhele werkwoord — liet toeverleden tijd enkelvoud — lieten toeverleden tijd meervoud — toegelatenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | laat toe | liet toe |
| jij | laat toe | liet toe |
| hij, zij, het | laat toe | liet toe |
| wij | laten toe | lieten toe |
| jullie | laten toe | lieten toe |
| zij | laten toe | lieten toe |
Alle 144 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is toegelaten | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was toegelaten | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd toegelaten | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt toegelaten | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal toegelaten worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal toegelaten zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou toegelaten worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou toegelaten zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had toegelaten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had toegelaten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had toegelaten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden toegelaten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden toegelaten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden toegelaten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt toegelaten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben toegelaten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| laat toe | gebiedende wijs |
| liet toe | verleden tijd |
| te hebben toegelaten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen toelaten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| toe te laten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| toe te zullen laten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| toe zal laten | bijzin, toekomende tijd |
| toe zou laten | bijzin, voorwaardelijk |
| toe zouden laten | bijzin, voorwaardelijk |
| toe zoudt laten | bijzin, voorwaardelijk |
| toe zullen laten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| toe zullen laten | bijzin, toekomende tijd |
| toe zult laten | bijzin, toekomende tijd |
| toegelaten | verleden tijd, deelwoord |
| toegelaten te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| toegelaten te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| toegelaten te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| toegelaten te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| toegelaten te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| toegelaten worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| toegelaten zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| toegelaten zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| toegelaten zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| toegelaten zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| toelaat | bijzin, tegenwoordige tijd |
| toelatend | onvoltooid, deelwoord |
| toeliet | bijzin, verleden tijd |
| toelieten | bijzin, verleden tijd |
| waart toegelaten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren toegelaten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren toegelaten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren toegelaten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was toegelaten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was toegelaten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was toegelaten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt toegelaten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal toegelaten hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal toegelaten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal toegelaten hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal toegelaten zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal toegelaten zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal toelaten | bijzin, toekomende tijd |
| zijn toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt toegelaten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou toegelaten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou toegelaten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou toegelaten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou toegelaten zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou toegelaten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou toegelaten zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou toelaten | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) toelaten toe zou(dt) laten | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden toegelaten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden toegelaten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden toegelaten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden toegelaten zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden toegelaten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden toegelaten zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden toelaten | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt toegelaten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt toegelaten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt toelaten | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen toegelaten hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen toegelaten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen toegelaten hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen toegelaten zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen toegelaten zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen toegelaten zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen toelaten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen toelaten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen toelaten | bijzin, toekomende tijd |
| zult toegelaten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult toegelaten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van toe bw en laten ww
Woordfamilie van toelaten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| laat toe | gebiedende wijs | toelaten |
| late toe | woordvorm | toelaten |
| laten toe | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | toelaten |
| liet toe | verleden tijd | toelaten |
| lieten toe | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | toelaten |
| toegelaten | voltooid deelwoord | toelaten |
| toelaat | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | toelaten |
| toelate | with-subordinate-clause | toelaten |
| toelatend | onvoltooid deelwoord | toelaten |
| toelatende | woordvorm | toelaten |
| toeliet | subordinate-clause, verleden tijd | toelaten |
| toelieten | subordinate-clause, verleden tijd | toelaten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van toelaten zijn vastgelegd.