terugwinnen
werkwoordBetekenis
- een eerder verlies goedmaken
- tweede betekenisomschrijving
- enz.
Vervoeging van terugwinnen
terugwinnenhele werkwoord — won terugverleden tijd enkelvoud — wonnen terugverleden tijd meervoud — teruggewonnenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | win terug | won terug |
| jij | wint terug | won terug |
| hij, zij, het | wint terug | won terug |
| wij | winnen terug | wonnen terug |
| jullie | winnen terug | wonnen terug |
| zij | winnen terug | wonnen terug |
Alle 146 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is teruggewonnen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was teruggewonnen | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd teruggewonnen | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt teruggewonnen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal teruggewonnen worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal teruggewonnen zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou teruggewonnen worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou teruggewonnen zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben teruggewonnen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben teruggewonnen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen terugwinnen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| terug te winnen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| terug te zullen winnen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| terug zal winnen | bijzin, toekomende tijd |
| terug zou winnen | bijzin, voorwaardelijk |
| terug zouden winnen | bijzin, voorwaardelijk |
| terug zoudt winnen | bijzin, voorwaardelijk |
| terug zullen winnen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| terug zullen winnen | bijzin, toekomende tijd |
| terug zult winnen | bijzin, toekomende tijd |
| teruggewonnen | verleden tijd, deelwoord |
| teruggewonnen te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| teruggewonnen te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| teruggewonnen te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| teruggewonnen te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| teruggewonnen te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| teruggewonnen worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| teruggewonnen zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| teruggewonnen zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| teruggewonnen zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| teruggewonnen zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| terugwin | bijzin, tegenwoordige tijd |
| terugwinnend | onvoltooid, deelwoord |
| terugwint | bijzin, tegenwoordige tijd |
| terugwon | bijzin, verleden tijd |
| terugwonnen | bijzin, verleden tijd |
| terugwont | bijzin, verleden tijd |
| waart teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was teruggewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| win terug | gebiedende wijs |
| won terug | verleden tijd |
| word teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt teruggewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal teruggewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal teruggewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal teruggewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal teruggewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal teruggewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal terugwinnen | bijzin, toekomende tijd |
| zijn teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt teruggewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou teruggewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou teruggewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou teruggewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou teruggewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou teruggewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou teruggewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou terugwinnen | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) terugwinnen terug zou(dt) winnen | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden teruggewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden teruggewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden teruggewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden teruggewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden teruggewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden teruggewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden terugwinnen | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt teruggewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt teruggewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt terugwinnen | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen teruggewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen teruggewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen teruggewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen teruggewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen teruggewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen teruggewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen teruggewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen terugwinnen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen terugwinnen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen terugwinnen | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
samenstelling van terug bw en winnen ww
Woordfamilie van terugwinnen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| teruggewonnen | voltooid deelwoord | terugwinnen |
| terugwin | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | terugwinnen |
| terugwinne | with-subordinate-clause | terugwinnen |
| terugwinnend | onvoltooid deelwoord | terugwinnen |
| terugwinnende | woordvorm | terugwinnen |
| terugwint | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | terugwinnen |
| terugwon | subordinate-clause, verleden tijd | terugwinnen |
| terugwonnen | subordinate-clause, verleden tijd | terugwinnen |
| win terug | gebiedende wijs | terugwinnen |
| winne terug | woordvorm | terugwinnen |
| winnen terug | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | terugwinnen |
| wint terug | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | terugwinnen |
| won terug | verleden tijd | terugwinnen |
| wonnen terug | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | terugwinnen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van terugwinnen zijn vastgelegd.