Naar de inhoud

terughalen

iets dat weggevoerd was weer terug zien te krijgen

terughalen

werkwoord

Betekenis

  1. iets dat weggevoerd was weer terug zien te krijgen
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van terughalen

terughalenhele werkwoord — haalde terugverleden tijd enkelvoud — haalden terugverleden tijd meervoud — teruggehaaldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik haal terug haalde terug
jij haalt terug haalde terug
hij, zij, het haalt terug haalde terug
wij halen terug haalden terug
jullie halen terug haalden terug
zij halen terug haalden terug
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is teruggehaald impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was teruggehaald impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd teruggehaald impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt teruggehaald impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal teruggehaald worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal teruggehaald zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou teruggehaald worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou teruggehaald zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
haal terug gebiedende wijs
haalde terug verleden tijd
had teruggehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had teruggehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had teruggehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden teruggehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden teruggehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden teruggehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt teruggehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben teruggehaald actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben teruggehaald actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen terughalen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
terug te halen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
terug te zullen halen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
terug zal halen bijzin, toekomende tijd
terug zou halen bijzin, voorwaardelijk
terug zouden halen bijzin, voorwaardelijk
terug zoudt halen bijzin, voorwaardelijk
terug zullen halen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
terug zullen halen bijzin, toekomende tijd
terug zult halen bijzin, toekomende tijd
teruggehaald verleden tijd, deelwoord
teruggehaald te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
teruggehaald te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
teruggehaald te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
teruggehaald te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
teruggehaald te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
teruggehaald worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
teruggehaald zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
teruggehaald zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
teruggehaald zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
teruggehaald zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
terughaal bijzin, tegenwoordige tijd
terughaalde bijzin, verleden tijd
terughaalden bijzin, verleden tijd
terughaalt bijzin, tegenwoordige tijd
terughalend onvoltooid, deelwoord
waart teruggehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren teruggehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren teruggehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren teruggehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
was teruggehaald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was teruggehaald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was teruggehaald voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt teruggehaald enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal teruggehaald hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal teruggehaald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal teruggehaald hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal teruggehaald zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal teruggehaald zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal terughalen bijzin, toekomende tijd
zijn teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt teruggehaald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou teruggehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou teruggehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou teruggehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou teruggehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou teruggehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou teruggehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou terughalen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) terughalen terug zou(dt) halen bijzin, voorwaardelijk
zouden teruggehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden teruggehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden teruggehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden teruggehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden teruggehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden teruggehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden terughalen bijzin, voorwaardelijk
zoudt teruggehaald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt teruggehaald zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt terughalen bijzin, voorwaardelijk
zullen teruggehaald hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen teruggehaald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen teruggehaald hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen teruggehaald worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen teruggehaald zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen teruggehaald zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen teruggehaald zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen terughalen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen terughalen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen terughalen bijzin, toekomende tijd
zult teruggehaald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van terug bw en halen ww

Woordfamilie van terughalen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
haal terug gebiedende wijs terughalen
haalde terug verleden tijd terughalen
haalden terug aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon terughalen
haalt terug aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon terughalen
hale terug woordvorm terughalen
halen terug aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon terughalen
teruggehaald voltooid deelwoord terughalen
teruggehaalde woordvorm terughalen
terughaal subordinate-clause, tegenwoordige tijd terughalen
terughaalde subordinate-clause, verleden tijd terughalen
terughaalden subordinate-clause, verleden tijd terughalen
terughaalt subordinate-clause, tegenwoordige tijd terughalen
terughale with-subordinate-clause terughalen
terughalend onvoltooid deelwoord terughalen
terughalende woordvorm terughalen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van terughalen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over terughalen

Wat is de betekenis van terughalen?
Terughalen is een werkwoord. De betekenis is: iets dat weggevoerd was weer terug zien te krijgen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik terughalen?
Zo vervoeg je terughalen zo: het voltooid deelwoord is teruggehaald. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord terughalen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. T 2
  2. E 1
  3. R 2
  4. U 4
  5. G 3
  6. H 4
  7. A 1
  8. L 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

terughalen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. T 2
  2. E 1
  3. R 2
  4. U 2
  5. G 3
  6. H 4
  7. A 1
  8. L 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 20 zonder bonus
  12. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

terughalen in het kort

terughalen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van terughalen staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort terughalen bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

terughalen: iets dat weggevoerd was weer terug zien te krijgen
Deel terughalen — standaardnederlands.nl