structuralisme
zelfstandig naamwoord ˌstrʏktyraˈlɪsməBetekenis
- moderne opvatting in de wetenschap waarbij de verschijnselen gezien worden als voortkomend uit een fundamentele structuur
- een theorie ontwikkeld door de Zwitserse taalkundige https://nl.wikipedia.org/wiki/Ferdinand_de_Saussure Ferdinand de Saussure (1857-1913), die taal opvat als een structuur waarin vormen op systematische wijze met elkaar verbonden zijn, en waarbij een ermee corresponderende betekenis bijgevolg - althans in principe -, voortvloeit uit de samenstelling van de talige structuur die wordt voortgebracht
Hoe spreek je structuralisme uit?
/ˌstrʏktyraˈlɪsmə/
Structuralisme bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| ʏ | put |
| k | kat |
| y | fuut |
| a | maan |
| l | land |
| ɪ | pit |
| m | maan |
| ə | de |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- een theorie ontwikkeld door de Zwitserse taalkundige Ferdinand de Saussure (1857-1913), die taal opvat als een structuur waarin vormen op systematische wijze met elkaar verbonden zijn, en waarbij een ermee corresponderende betekenis bijgevolg - althans in principe -, voortvloeit uit de samenstelling van de talige structuur die wordt voortgebracht
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘het zien van de verschijnselen als voortkomend uit de structuur’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1935