monisme
zelfstandig naamwoord moˈnɪsməBetekenis
- opvatting die vooral de nadruk legt op eenheid
- een leerstelsel dat één beginsel aanneemt ter verklaring van verschijnselen
- regeringsstelsel waarbij regering en volksvertegenwoordiging één macht zijn waardoor de parlementaire meerderheid meer directe invloed op de uitvoering van beleid heeft, maar de controlerende taak van het parlement als geheel eerder in het gedrang komt
Hoe spreek je monisme uit?
/moˈnɪsmə/
Monisme bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| o | boot |
| n | nek |
| ɪ | pit |
| s | sok |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Herkomst
Leenwoord uit het modern Latijn, in de betekenis van ‘stelsel waarbij regering en volksvertegenwoordiging één macht vormen’ voor het eerst aangetroffen in 1860