straattaal
zelfstandig naamwoord ˈstratalBetekenis
- informele, soms ruwe taal met veel invloed uit talen van immigranten, gesproken door groepen die vooral in de openbare ruimte actief zijn als jongeren, zwervers en boeven
- (bij uitbreiding) mengtaal die op deze manier ontstaat
Hoe spreek je straattaal uit?
/ˈstratal/
Straattaal bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| a | maan |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- informele, soms ruwe taal met veel invloed uit talen van immigranten, gesproken in groepen mensen die elkaar vaak op straat treffen, zoals jongeren, zwervers en boeven
- mengtaal die op deze manier ontstaat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| straattaaltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| straattaaltjes | verkleinwoord, meervoud |
| straattalen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van straat zn en taal zn
Woordfamilie van straattaal
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| straattaaltje | verkleinwoord | straattaal |
| straattaaltjes | verkleinwoord meervoud | straattaal |
| straattalen | meervoud | straattaal |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van straattaal zijn vastgelegd.