Naar de inhoud

stelpen

de vloei, gewoonlijk van bloed, tot staan brengen

stelpen

werkwoord

Betekenis

  1. de vloei, gewoonlijk van bloed, tot staan brengen
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van stelpen

stelpenhele werkwoord — stelpteverleden tijd enkelvoud — stelptenverleden tijd meervoud — gestelptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik stelp stelpte
jij stelpt stelpte
hij, zij, het stelpt stelpte
wij stelpen stelpten
jullie stelpen stelpten
zij stelpen stelpten
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
er is gestelpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gestelpt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gestelpt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gestelpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gestelpt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gestelpt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gestelpt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gestelpt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gestelpt verleden tijd, deelwoord
gestelpt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gestelpt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gestelpt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestelpt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestelpt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestelpt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gestelpt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gestelpt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gestelpt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gestelpt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gestelpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gestelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gestelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gestelpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gestelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gestelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gestelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestelpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
stelp gebiedende wijs
stelpe aanvoegende wijs
stelpend onvoltooid, deelwoord
stelpte verleden tijd
te hebben gestelpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te stelpen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen stelpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren gestelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gestelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gestelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden gestelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden gestelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gestelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal gestelpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestelpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gestelpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gestelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gestelpt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal stelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal stelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal stelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gestelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou gestelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gestelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gestelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou stelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou stelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou stelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gestelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gestelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gestelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden stelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden stelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden stelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gestelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt stelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gestelpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestelpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestelpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gestelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gestelpt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen stelpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen stelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen stelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen stelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gestelpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult stelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘doen ophouden’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Woordfamilie van stelpen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gestelpt voltooid deelwoord stelpen
gestelpte woordvorm stelpen
stelp gebiedende wijs stelpen
stelpe aanvoegende wijs stelpen
stelpend onvoltooid deelwoord stelpen
stelpende woordvorm stelpen
stelpt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon stelpen
stelpte verleden tijd stelpen
stelpten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon stelpen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stelpen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over stelpen

Wat betekent stelpen?
Stelpen is een werkwoord. Het woord betekent: de vloei, gewoonlijk van bloed, tot staan brengen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je stelpen?
Je vervoegt stelpen als volgt: de tegenwoordige tijd is stelp, de verleden tijd is stelpte en het voltooid deelwoord is gestelpt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord stelpen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. E 1
  4. L 3
  5. P 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

stelpen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. E 1
  4. L 3
  5. P 4
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

stelpen telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

stelpen in het kort

stelpen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van stelpen zijn 65 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort stelpen bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

stelpen: de vloei, gewoonlijk van bloed, tot staan brengen
Deel stelpen — standaardnederlands.nl