Naar de inhoud

somberen

somber overpeinzen, pessimistisch zijn

somberen

werkwoord

Betekenis

  1. somber overpeinzen, pessimistisch zijn

Vervoeging van somberen

somberenhele werkwoord — somberdeverleden tijd enkelvoud — somberdenverleden tijd meervoud — gesomberdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik somber somberde
jij sombert somberde
hij, zij, het sombert somberde
wij somberen somberden
jullie somberen somberden
zij somberen somberden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gesomberd verleden tijd, deelwoord
gesomberd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesomberd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gesomberd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gesomberd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gesomberd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gesomberd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gesomberd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gesomberd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gesomberd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gesomberd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesomberd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gesomberd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesomberd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gesomberd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gesomberd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesomberd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesomberd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
somber gebiedende wijs
somberde verleden tijd
sombere aanvoegende wijs
somberend onvoltooid, deelwoord
te hebben gesomberd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te somberen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen somberen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gesomberd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesomberd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gesomberd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal somberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal somberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal somberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gesomberd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesomberd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesomberd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou somberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou somberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou somberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gesomberd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesomberd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesomberd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden somberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden somberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden somberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gesomberd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt somberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gesomberd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesomberd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesomberd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen somberen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen somberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen somberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen somberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gesomberd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult somberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordfamilie van somberen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gesomberd voltooid deelwoord somberen
somberde verleden tijd somberen
somberden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon somberen
somberend onvoltooid deelwoord somberen
somberende woordvorm somberen
sombert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon somberen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van somberen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over somberen

Wat betekent somberen?
Somberen is een werkwoord. Het woord betekent: somber overpeinzen, pessimistisch zijn.
Hoe vervoeg je somberen?
Je vervoegt somberen als volgt: de tegenwoordige tijd is somber, de verleden tijd is somberde en het voltooid deelwoord is gesomberd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord somberen is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. O 1
  3. M 3
  4. B 3
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

somberen levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. O 1
  3. M 3
  4. B 4
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 zonder bonus
  10. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

somberen in het kort

somberen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van somberen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort somberen bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

somberen: somber overpeinzen, pessimistisch zijn
Deel somberen — standaardnederlands.nl