sleedoorn
zelfstandig naamwoord ˈsledorᵊnBetekenis
- een plant uit de rozenfamilie (Rosaceae) met blauwe vruchten
Hoe spreek je sleedoorn uit?
/ˈsledorən/
Sleedoorn bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| l | land |
| e | veel |
| d | dak |
| o | boot |
| r | rood |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Klinkt hetzelfde als sleedoren.
zelfstandig naamwoord — masculine
- bepaald soort plant met blauwe vruchten, Prunus spinosa uit de rozenfamilie Rosaceae
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| sleedoorns | meervoud |
| sleedoorntje | verkleinwoord, enkelvoud |
| sleedoorntjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
van Middelnederlands sleedorn, in de betekenis van ‘soort heester’ aangetroffen vanaf 1225, op te vatten als samenstelling van slee zn "wrang smakende vrucht" en doorn zn "stekel"
Woordfamilie van sleedoorn
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| sleedoorns | meervoud | sleedoorn |
| sleedoorntje | verkleinwoord | sleedoorn |
| sleedoorntjes | verkleinwoord meervoud | sleedoorn |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sleedoorn zijn vastgelegd.