sensibiliseren
werkwoordBetekenis
- gevoelig maken, warm maken, bewust maken
Vervoeging van sensibiliseren
sensibiliserenhele werkwoord — sensibiliseerdeverleden tijd enkelvoud — sensibiliseerdenverleden tijd meervoud — gesensibiliseerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | sensibiliseer | sensibiliseerde |
| jij | sensibiliseert | sensibiliseerde |
| hij, zij, het | sensibiliseert | sensibiliseerde |
| wij | sensibiliseren | sensibiliseerden |
| jullie | sensibiliseren | sensibiliseerden |
| zij | sensibiliseren | sensibiliseerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gesensibiliseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gesensibiliseerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gesensibiliseerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gesensibiliseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gesensibiliseerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gesensibiliseerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gesensibiliseerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gesensibiliseerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gesensibiliseerd | verleden tijd, deelwoord |
| gesensibiliseerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gesensibiliseerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gesensibiliseerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gesensibiliseerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gesensibiliseerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gesensibiliseerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gesensibiliseerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gesensibiliseerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gesensibiliseerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gesensibiliseerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gesensibiliseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| sensibiliseer | gebiedende wijs |
| sensibiliseerde | verleden tijd |
| sensibilisere | aanvoegende wijs |
| sensibiliserend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gesensibiliseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te sensibiliseren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen sensibiliseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gesensibiliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gesensibiliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gesensibiliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gesensibiliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gesensibiliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gesensibiliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gesensibiliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gesensibiliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gesensibiliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gesensibiliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gesensibiliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gesensibiliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gesensibiliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gesensibiliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gesensibiliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gesensibiliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gesensibiliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gesensibiliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gesensibiliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gesensibiliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gesensibiliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gesensibiliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gesensibiliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gesensibiliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gesensibiliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gesensibiliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gesensibiliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gesensibiliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen sensibiliseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gesensibiliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gesensibiliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gesensibiliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult sensibiliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse sensibiliser met het achtervoegsel -iseren
Woordfamilie van sensibiliseren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gesensibiliseerd | voltooid deelwoord | sensibiliseren |
| gesensibiliseerde | woordvorm | sensibiliseren |
| sensibiliseer | gebiedende wijs | sensibiliseren |
| sensibiliseerde | verleden tijd | sensibiliseren |
| sensibiliseerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | sensibiliseren |
| sensibiliseert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | sensibiliseren |
| sensibilisere | aanvoegende wijs | sensibiliseren |
| sensibiliserend | onvoltooid deelwoord | sensibiliseren |
| sensibiliserende | woordvorm | sensibiliseren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sensibiliseren zijn vastgelegd.