seminarium
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een plaats waar rooms-katholieke geestelijken opgeleid worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| seminaria | meervoud |
| seminariumpje | verkleinwoord, enkelvoud |
| seminariumpjes | verkleinwoord, meervoud |
| seminariums | meervoud |
Herkomst
afgeleid van het Latijnse semina (zaden) met het achtervoegsel -arium
Woordfamilie van seminarium
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| seminaria | meervoud | seminarium |
| seminariumpje | verkleinwoord | seminarium |
| seminariumpjes | verkleinwoord meervoud | seminarium |
| seminariums | meervoud | seminarium |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van seminarium zijn vastgelegd.