Naar de inhoud

seizen

vastsjorren (van een tros)

seizen

werkwoord

Betekenis

  1. vastsjorren (van een tros)

Vervoeging van seizen

seizenhele werkwoord — seisdeverleden tijd enkelvoud — seisdenverleden tijd meervoud — geseisdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik seis seisde
jij seist seisde
hij, zij, het seist seisde
wij seizen seisden
jullie seizen seisden
zij seizen seisden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geseisd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geseisd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geseisd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geseisd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geseisd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geseisd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geseisd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geseisd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geseisd verleden tijd, deelwoord
geseisd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geseisd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geseisd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geseisd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geseisd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geseisd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geseisd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geseisd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geseisd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geseisd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geseisd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geseisd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geseisd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geseisd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geseisd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geseisd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geseisd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geseisd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
seis gebiedende wijs
seisde verleden tijd
seize aanvoegende wijs
seizend onvoltooid, deelwoord
te hebben geseisd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te seizen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen seizen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geseisd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geseisd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geseisd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geseisd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geseisd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geseisd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geseisd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geseisd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geseisd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geseisd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geseisd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geseisd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geseisd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geseisd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geseisd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geseisd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geseisd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geseisd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geseisd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geseisd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geseisd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geseisd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geseisd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geseisd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geseisd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal seizen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal seizen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal seizen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geseisd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geseisd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geseisd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geseisd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geseisd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geseisd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geseisd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou seizen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou seizen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou seizen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geseisd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geseisd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geseisd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geseisd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geseisd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geseisd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden seizen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden seizen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden seizen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geseisd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geseisd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt seizen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geseisd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geseisd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geseisd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geseisd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geseisd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geseisd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen seizen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen seizen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen seizen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen seizen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geseisd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geseisd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geseisd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult seizen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordfamilie van seizen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geseisd voltooid deelwoord seizen
geseisde woordvorm seizen
seis gebiedende wijs seizen
seisde verleden tijd seizen
seisden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon seizen
seist aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon seizen
seize aanvoegende wijs seizen
seizend onvoltooid deelwoord seizen
seizende woordvorm seizen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van seizen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over seizen

Wat is de betekenis van seizen?
Seizen is een werkwoord. De betekenis is: vastsjorren (van een tros).
Hoe vervoeg ik seizen?
Zo vervoeg je seizen zo: de tegenwoordige tijd is seis, de verleden tijd is seisde en het voltooid deelwoord is geseisd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord seizen is 10 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. E 1
  3. I 1
  4. Z 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 10 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

seizen levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 66 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. E 1
  3. I 2
  4. Z 5
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 zonder bonus
  8. 66 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

seizen telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

seizen in het kort

seizen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van seizen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort seizen bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

seizen: vastsjorren (van een tros)
Deel seizen — standaardnederlands.nl