Naar de inhoud

segregeren

gescheiden worden

segregeren

werkwoord

Betekenis

  1. gescheiden worden
  2. afzonderen

Vervoeging van segregeren

segregerenhele werkwoord — segregeerdeverleden tijd enkelvoud — segregeerdenverleden tijd meervoud — gesegregeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik segregeer segregeerde
jij segregeert segregeerde
hij, zij, het segregeert segregeerde
wij segregeren segregeerden
jullie segregeren segregeerden
zij segregeren segregeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gesegregeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gesegregeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gesegregeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gesegregeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gesegregeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gesegregeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gesegregeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gesegregeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gesegregeerd verleden tijd, deelwoord
gesegregeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gesegregeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gesegregeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesegregeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesegregeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesegregeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gesegregeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gesegregeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gesegregeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gesegregeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gesegregeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gesegregeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gesegregeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gesegregeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gesegregeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gesegregeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gesegregeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesegregeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
segregeer gebiedende wijs
segregeerde verleden tijd
segregere aanvoegende wijs
segregerend onvoltooid, deelwoord
te hebben gesegregeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te segregeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen segregeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gesegregeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gesegregeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gesegregeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gesegregeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gesegregeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gesegregeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gesegregeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gesegregeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gesegregeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesegregeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gesegregeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gesegregeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesegregeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal segregeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal segregeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal segregeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gesegregeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gesegregeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesegregeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesegregeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesegregeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesegregeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesegregeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou segregeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou segregeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou segregeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gesegregeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesegregeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesegregeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gesegregeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesegregeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesegregeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden segregeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden segregeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden segregeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gesegregeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gesegregeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt segregeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gesegregeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesegregeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesegregeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gesegregeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesegregeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesegregeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen segregeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen segregeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen segregeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen segregeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gesegregeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gesegregeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gesegregeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult segregeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse ségréger (met het achtervoegsel -eren)

Woordfamilie van segregeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gesegregeerd voltooid deelwoord segregeren
gesegregeerde woordvorm segregeren
segregeer gebiedende wijs segregeren
segregeerde verleden tijd segregeren
segregeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon segregeren
segregeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon segregeren
segregere aanvoegende wijs segregeren
segregerend onvoltooid deelwoord segregeren
segregerende woordvorm segregeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van segregeren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over segregeren

Wat is de betekenis van segregeren?
Segregeren is een werkwoord. De betekenis is: gescheiden worden. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik segregeren?
Zo vervoeg je segregeren zo: de tegenwoordige tijd is segregeer, de verleden tijd is segregeerde en het voltooid deelwoord is gesegregeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord segregeren is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. E 1
  3. G 3
  4. R 2
  5. E 1
  6. G 3
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

segregeren levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. E 1
  3. G 3
  4. R 2
  5. E 1
  6. G 3
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 17 zonder bonus
  12. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

segregeren in het kort

segregeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van segregeren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort segregeren bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

segregeren: gescheiden worden
Deel segregeren — standaardnederlands.nl